Posts tonen met het label verlies. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verlies. Alle posts tonen

zaterdag 30 december 2023

Overzicht: ongelukkig zijn valt niet altijd op te lossen. Erkenning is niet "koketteren met ongelukkig zijn"; realiteitszin is beter dan toxische positiviteit

Een vrolijk kind, een optimistisch iemand, een makkelijke prater. "Hoe kun je dan ongelukkig zijn?"
Op foto's zie ik altijd een vrolijk kind. Ik was altijd aan het lachen of grappen aan het maken. Dat optimisme kon bij moeders op school op afgunst rekenen. De mensen in mijn omgeving waren altijd zo negatief. Ik kon vroeger al niet tegen chagrijnige en buiige mensen. Nog steeds niet. Ik heb eigenlijk altijd behoefte aan gezelligheid. Ik vind het geen schande om te erkennen dat ik het liefst altijd, of zo vaak mogelijk, gezelschap wil hebben. Het lijkt tegenwoordig heel erg "in" om eenzaamheid en alleen-zijn te verheerlijken, maar dat is niet meer dan een manier voor mensen om eenzaamheid te accepteren.

Ik ben nooit somber/gedeprimeerd/gelaten en ik heb geen laag zelfbeeld. Ik merk dat mensen het confronterend vinden als ik zeg dat ik eenzaam en ongelukkig ben, omdat ze het bij mij niet verwachten. Als ík ermee te maken heb, kan iedereen ermee te maken krijgen, zo is de gedachte.

Vrouwenblaadjesclichés over ongelukkig zijn: mensen gaan door mythes en cirkelredeneringen geloven dat ze niet gelukkig mógen worden van een leven in gezelschap van anderen

Misschien zijn wel veel meer mensen ongelukkig, maar geven ze het niet openlijk toe omdat ze geen stigma's willen horen, geen verwijten naar hun hoofd willen krijgen en niet met die idiote vrouwenblaadjesclichés als "Je moet eerst van jezelf leren houden voordat je van een ander kunt houden...." te maken willen krijgen. Dat soort mythes en cirkelredeneringen laat een groep mensen geloven dat ze niet gelukkig mogen worden van een leven met andere mensen, maar eerst gelukkig met zichzelf moeten worden- terwijl de meeste mensen in aanleg levensgeluk halen uit nauwe sociale banden, niet uit alleen-zijn en materialisme.

Nog meer van dat hardnekkige gezeik over ongelukkig zijn, is dat "je niet leuk kunt zijn voor anderen als je zelf niet gelukkig bent met je leven".
De mensen die ik ontmoet, vinden mij altijd vrolijk, optimistisch en puur. Ik doe niet aan iets voorwenden. Het is niet zo dat ik geen leuk gezelschap ben omdat ik ongelukkig ben. Ik ben niet somber, pessimistisch en ook niet zwaar op de hand. Je zult het niet eens merken dat ik eenzaam ben, terwijl ik mijn gevoelens niet verberg. Ik heb geen moeite met negatieve kanten van het leven te erkennen en dat maakt juist dat anderen voelen dat ik authentiek ben. Het is ook niet zo dat ik mensen nodig heb. Ik ben niet afhankelijk, ik heb graag gezelschap. Dat is iets heel anders dan aan andere mensen vastklampen. Als ik me aan anderen zou vastklampen, zou ik met iedereen genoegen nemen- en dat is niet zo. Ik lees geen boeken en ik kijk niet graag tv. Ik zou het graag leuk willen hebben met mensen. Dat maakt mij niet afhankelijk.

Ik vind eenzaamheid zonde van het bestaan.
Ik ben het, ik heb letterlijk niemand om me heen, binnen bereik, ik heb geen naaste meer. Voor iemand die expressief en uitbundig is, zoals ik, moet ik een getemd leven leiden omdat de mensen om me heen nergens interesse in hebben. Ik kan niet tegen zitten, niksen, in stilte leven. Ik kan niet tegen laconiek gedrag, mensen die bagatelliseren en mensen die lethargisch handelen. Ook heb ik niets met "poverheid", mensen die bestaan om over anderen te kletsen en zelf nooit ergens de verantwoordelijkheid voor nemen. Om me heen zie ik relaties die niet gelijkwaardig zijn, waarbij één van de twee zich onderdanig opstelt en de ander een groot machtsoverwicht heeft. Zoiets zou ik nooit willen. Gelijkwaardigheid is voor mij een groot goed- en daarom is het niet makkelijk om míjn eenzaamheid te bestrijden.

Gezever als "Eenzaamheid bestaat alleen als je het toelaat" en "eenzaamheid komt door negatieve gedachten over alleen zijn"
Gepsychologiseer van de koude grond leidt tot nonsens als "ongelukkig zijn door eenzaamheid komt uiteindelijk door negatieve gedachten/opvattingen over alleen-zijn", andere flauwekul als "leer van jezelf te houden, dan hoef je niet meer eenzaam te zijn", "eenzaamheid bestaat alleen als je het toelaat in je gedachten" en "met professionele hulp kan eenzaamheid worden aangepakt". Ongelukkig zijn wordt zélfs weggezet als een gedachte. Dat gezever helpt niemand.

Ik schaam me er helemaal niet voor om eenzaam te zijn en bij mij komt het niet door negatieve gedachten over alleen zijn.

Als mensen mij net hebben leren kennen, zeggen ze dat ik altijd vrolijk overkom. Ik ben een makkelijke prater, ik lach veel, ik ben snel. Mensen begrijpen het niet als ik zeg dat ik eenzaam en daardoor ongelukkig ben. Het is geen paradox en ik doe niet alsóf ik vrolijk of optimistisch ben. Ik heb heel erg een open karakter, ik geef er niet om, om mijn gevoelens te verbergen of een reputatie te fingeren. Het is in deze omgeving en de omstandigheden waarin ik ben komen te verkeren nadat ik er alleen voor kwam te staan in 2023, moeilijk voor me om gelijkwaardige, warme contacten te vinden. Met alles wat is gebeurd, beoog ik ook helemaal niet om "gelukkig" te worden.

Ik zeg: soms zijn mensen zoals ik in hun leven teveel in de steek gelaten om een ommezwaai te kunnen maken naar een gelukkig leven. Zonder mijn naaste vind ik het leven ook helemaal niets. Ik hoef geen mooie woorden te horen of toxische positiviteit te accepteren. Het hoogst acceptabel om te erkennen dat ongelukkig zijn niet altijd valt op te lossen. Dat is géén gelaten conclusie of een opgeversmentaliteit, maar realisme. Met dat gezeik van "Wat niet is kan nog komen" of "Je weet nooit wat morgen brengt" hoef je niet aan te komen bij de realist die ik ben.

Ik merk dat de mensen die ik spreek, het confronterend vinden dat ik met een groot zelfinzicht en zonder depressie of psychische problemen eerlijk zeg dat ik niet gelukkig ben.
Wat mensen zich ook eens moeten realiseren, is dat de drang om alles mooi te praten of te "fixen", een ziekelijke neiging is tot toxische positiviteit. Ik merk dat de mensen die ik spreek, het confronterend vinden dat ik met een groot zelfinzicht en zonder depressie of psychische problemen eerlijk zeg dat ik niet gelukkig ben. Kennelijk vinden mensen het makkelijker te behappen als iemand ongelukkig is door psychisch lijden, zoals een depressie. Ik ben altijd heel helder in het aangeven wáárom ik me voel zoals ik me voel, niet gehinderd door wisselvalligheid of labiliteit.

Ik zwelg nooit in zelfmedelijden en ben helemaal niet het stereotype-eenzame persoon/ongelukkig iemand. Integendeel: ik ben actiever dan de meeste mensen, lig nooit op de bank of op bed te niksen, ik ben onuitputtelijk, produceer veel (zin en onzin), ik zie humor in het dagelijks bestaan, ik vind inspanning niet snel te gek of te zwaar, ik ga vaak nachten door. Omdat ik een makkelijke prater ben, raak ik vaak met mensen die ik niet ken in gesprek. Ik maak makkelijk contact, maar dat betekent niet dat ik veel gelijkwaardige (wederkerige) contacten heb in mijn leven- en dat is de clou.

Een overzicht van zeer persoonlijke thema's
In mijn jaaroverzicht breng ik op persoonlijke wijze enkele belangrijke thema's samen die er in samenhang met elkaar voor zorgen dat ik niet gelukkig ben. Het zijn taboe-onderwerpen:
1. hoogbegaafdheid;
2. eenzaamheid;
3. verlangen naar intimiteit;
4. peer envy/afgunst van (vrouwelijke) leeftijdsgenoten;
5. een onveranderlijke, onleefbare woonsituatie waar ik (voorlopig) geen invloed op heb;
6. verlies;
7. ongelukkig zijn

1. Taboe: zonder psychisch lijden erkennen dat je niet gelukkig bent/niets hebt om naar uit te kijken (eenzaamheid is geen luxeprobleem)

In dit bericht licht ik toe waarom mensen het zo "schokkend" vinden als iemand zonder psychisch lijden erkent ongelukkig te zijn. Mensen willen alles simpel fixen, ze zoeken een verklaring in psychisch lijden of iets anders "wat mis zou moeten zijn". Een flinke dosis realisme is terecht. Niet alles valt op te lossen en mensen moeten niet de illusie blijven wekken dat iedereen maar hulp kan vinden om "gelukkig"  te worden. Sterker nog: in plaats van hulp te zoeken, is inzicht beter.

Nog erger is de toxische positiviteitsbeweging die leed wil vergelijken. Als je niet gelukkig bent, moet je vergelijken met mensen die in (nog diepere) ellende leven en dankbaar zijn voor wat je hebt. Heeft leed vergelijken ooit iemand geholpen? Het is niet meer dan een drogreden om te zeggen "Er zijn altijd mensen die het nog slechter hebben".

https://rechtenadvies.blogspot.com/2023/10/taboe-zonder-psychisch-lijden-erkennen.html

2. Ongelukkig zijn mag ook worden erkend. Realiteitszin is beter dan "De toekomst zal beter worden"
Ik weet dat mensen elkaar proberen te motiveren, maar waarom altijd maar dat "Gelukkig worden" nastreven? Waarom altijd dat gedoe over een "toekomst"? Waarom altijd dat "Je moet toch doorgaan"? Van wie?

Ik heb de indruk dat mensen het over vooruitgang en de toekomst hebben zonder dat ze realiteitszin hebben. Over de toekomst praten is abstract. De manier waarop vaak over de toekomst wordt gesproken, dat deze wordt voorgesteld alsof morgen alles ineens anders kan zijn in positieve zin, heeft niets met perspectief te maken.

Ik streef helemaal geen toekomst na! Het is niet zo dat ik een nihilist ben. Mensen zijn bezig over gelukkig zijn als doel, maar wat de meesten opnoemen zijn tijdelijke prikkels die bevredigd worden en die niets met existentie te maken hebben. Ik denk niet te ver door. Ik zie het leven heel helder. 

Ik weet dat ik niet meer gelukkig ga worden en ik weet exact waardoor:

1. Ik ben na de dood van mijn moeder enige nabestaande Oostslaaf in Nederland en door de voorloper van VT gescheiden van mijn echte familie;
2. Ik heb geen andere naasten;
3. Ik ben langdurig eenzaam door de stigma's tegen hoogbegaafden, maar ook door uitsluiting door vrouwelijke leeftijdsgenoten die me als concurrent beschouwden;
4. Ik kan moeilijk gelijkgestemden vinden.

Ik weet dat het hebben van familie, een gezin, vrienden of andere naasten onmisbaar is voor levensgeluk en een gevoel van perspectief, omdat sterke sociale banden inherent zijn aan het wezen van sociale dieren van het empathische type.
Dat heb ik niet meer en daar kan ik niets aan veranderen.
Ik kan een relatie met een man die bij me hoort ook niet afdwingen ("Je weet nooit of je hem ontmoet" is niet realistisch. Compatibiliteit is een groot goed voor het krijgen van een liefdesband met iemand, maar sommige mensen vinden helaas nooit die persoon die bij ze past en doen het met een illusie. Dat wil ik nooit).

Mensen kunnen mij niet voor de gek houden. Ik ben niet te sussen met beloften en mooie woorden.
Ik houd niet van getut en wollige adviezen.
Ik heb vaak genoeg geprobeerd om een netwerk van gelijkgestemden op te bouwen.
Een aselecte groep mensen ontmoeten is geen garantie om gelijkgestemden te vinden.

https://rechtenadvies.blogspot.com/2023/09/ongelukkig-zijn-mag-ook-erkend-worden.html

3. Ongelukkig zijn: doorbreek het taboe!
Ik sta ervoor dat negatieve aspecten van het leven mogen bestaan en bespreekbaar zijn. Zo moet het ook bespreekbaar zijn dat sommige mensen verrot veel pech hebben in het leven. Dat willen ontkennen is de ziekte van de maakbaarheidsindustrie, de gedachte dat je je eigen geluk volledig kunt beïnvloeden. Zoals de gedachte dat je een positieve levensinstelling kunt aannemen (de mensen die denken dat ze ervoor hebben gekozen om positief in het leven te staan, hebben dat meestal te danken aan een aangeboren harmonische functie van de receptoren 5-HT1A, 5-HT1B, 5-HT2A, 5-HT2C!).

Het kwam toen mijn moeder nog in het ziekenhuis lag ter sprake, dat ik niets had om naar uit te kijken na haar dood. Toen ik er gewoon over sprak dat ik ongelukkig ben, was het alle hens aan dek! Eerst was het "Maar je bent toch jurist? Vind je schrijven over rechtszaken en de maatschappij dan niet de moeite waard? En je werk? En je hebt hier neuroscience gestudeerd! Je schrijft daar ook over? En je bent tekenaar?" Ik zei: "Wat onbelangrijk allemaal, als je niemand meer hebt".

https://rechtenadvies.blogspot.com/2023/07/ongelukkig-zijn-doorbreek-het-taboe.html

zondag 8 oktober 2023

Ik mis dit / Ik was tot mijn geforceerde verhuizing volmaakt tevreden

Ik mis mijn huis. Niet omdat ik moet wennen in mijn nieuwbouwbunker, niet omdat ik aan nostalgie hang, want dat doe ik niet.

Ik mis vanaf het moment dat ik hier gedwongen binnenstapte, de openheid. Ik was altijd buiten in mijn vorige omgeving. Dat gaat niet met dit saaie, onmenselijke betonblok in een omgeving waar de afhaalrestaurants en cafés als paddenstoelen uit de grond schieten en net zo snel weer ten onder gaan.
Het is donker in mijn bunker. De architect dacht dat het leuk was om vier kleine raampjes aan te brengen, met stukken muur ertussen. Overdag is het somber omdat het huis precies in de slagschaduw ligt en 's avonds zie ik geen hand voor ogen. Ik heb drie lampen permanent aan staan omdat er anders niet normaal te werken valt. Ik ben ieder vrij moment aan het schoonmaken, omdat de vorige bewoners een puinzooi hebben achtergelaten ná de formuliere overdracht. Natuurlijk heb ik gelijk geklaagd, want een klachtplicht mag niet worden verzuimd (anders zit ik volledig opgescheept met de kosten van de schade die de rancuneuze vorige bewoners hebben aangericht).

Volledig onbruikbaar is het dat ik mijn spullen, zoals gereedschap, schoonmaakmiddelen en juridische documenten in mijn woonkamer en slaapkamer moet opslaan. Ik kreeg van een monteur al de vraag waarom ik mijn klusmateriaal in de woonkamer heb staan. "Omdat ik geen kast of berging heb".
Hij deed het cv-hok open en zei: 'Oh, je hebt echt geen ruimte om iets op te bergen!'.
Nee, ik ga voor de lol met die troep in de woonkamer zitten. Ik ga voor de lol tussen de dozen slapen. Ik doe voor de lol de strijkplank weg, omdat er geen plaats is om te strijken. Ik heb voor de lol geen bedframe, omdat er geen ruimte is.

Schreeuwende en scheldende laveloze afhaalpassanten, iedere dag tot 03:00

De balans ontbreekt. Ik kan niet tegen rust en stilte, maar gekrijs is het andere uiterste.
Overdag is het stil en levenloos in deze geïsoleerde bunker, vanaf de namiddag lopen de eerste afhaalpassanten al laveloos over straat en blijven ze ook doordeweeks tot 03:00 voor de zaken hangen en schreeuwen. Het wordt gedoogd, want de politie surveilleert maar tot de nacht en laat ze daarna de boel bij elkaar brullen. Blowen en zuipen tegelijk, krijsen en schelden: het gaat iedere nacht zo. Dit kán nooit een woonwijk worden.

De overburen in het verpauperde gedeelte van deze wijk hebben 's nachts tijdens een rampage het balkon en de ruit aan gort geslagen en vanmiddag dreigde een buur van het oude gedeelte de boel op te blazen. Een overbuurman die in het oude gedeelte woont, kwam in zijn bananenpyjama naar buiten toen hij me zag. Nu gaat hij iedere keer als hij mijn deur open ziet gaan, op zijn balkon staan loeren. Hij stond op een avond al buiten in zijn onderbroek naar me te kijken. Hij kan precies over de rand van zijn balkon naar mijn slaapkamer en woning kijken- en dat doet hij dan ook.

Ik vind het hier vreselijk. Het maakt niet uit of er nog meer "designwoningen" worden geplaatst om het uiterlijk van de wijk op te leuken, gentrificatie heeft geen zin als de debiliteit onder het hier rondhangende uitgaanspubliek hoog is en er mensen met ernstige gedragsproblemen in het oude gedeelte wonen en 's nachts voor onrust zorgen. Mijn bunker houdt mensen tegen om me op te komen zoeken; zoiets simpels als een ontbrekende parkeerplaats is al een obstakel voor kennissen om hier langs te komen.

Waar ik nu woon, is mijn vijand. Iedere ochtend vind ik het weer een verschrikking om hier wakker te worden. Ik haat deze bunker hardgrondig.

Dit was mijn huis. Een echt huis. Ik was niet gehecht aan het verkrotte vastgoed (bouwfraude!), maar aan de openheid. Er was altijd ruimte voor inspiratie en voor anderen. Hier had ik graag visite. Mensen konden met gemak binnenlopen, het was uitnodigend. Ik was zelf altijd buiten. Toen wij hier nog woonden, was het mooi onderhouden. Ik was volmaakt tevreden.

























woensdag 30 augustus 2023

Het gemis

Het is de eerste keer in zeven maanden dat ik in het Erasmus MC ben, in hetzelfde gebouw waar mijn moeder de eerste maand van 2023 doorbracht. Het is geen traumatische ervaring om hier weer terug te zijn, maar het is kaal en alleen zo. Ik weet dat ik geen "thuis" heb om naar terug te keren. Ik heb geen familie, geen reden om uit te kijken om naar "huis" te gaan en dan raak ik binnen nu en enkele dagen ook ons huis kwijt. Ik ben mijn basis voorgoed kwijt. Het meest confronterende en kwetsende is dat ik zelf haar bed moet slopen en helemaal niets meer heb wat mij met mijn leven verbindt.

Ik ga anders met verlies om dan de meeste mensen. Ik leef en schrijf vanuit mijn eigen gevoel. De clichés, dat "Rouw eerst heel erg rauw is, totdat de wereld weer een beetje normaal begint te worden" en "Dat je moet leren leven met de pijn" herken ik totaal niet. Mijn besef van realiteit is sterker dan dat.

Ik word er vanaf de eerste dag al mee geconfronteerd dat mensen zeggen "Het is een heel eenzaam proces waar je zelf doorheen moet", terwijl mensen die met ziekte of verlies te maken krijgen, juist door hun omgeving worden genegeerd. Mensen vinden het zelfs "confronterend" dat ik er nooit pessimistisch/somber/triest/depressief uit heb gezien en totaal niet de behoefte heb om me thuis in stilte af te zonderen en te huilen. Genegeerd worden is wat verlies een eenzaam proces maakt.

Dat doet me steeds denken aan het algemeen heersende gebrek aan gemeenschapszin. Toen ik nog in het Daniel Den Hoed-Gasthuis verbleef in de eerste week van januari, ging ik direct op zoek naar gemeenschapszin, maar stuitte alleen maar op geslotenheid. Er was niemand om mee te praten. Anders dan het geschetste beeld, was het niet zo dat de mensen samen kookten en aten of samen in de lobby kwamen voor contact. In plaats daarvan zaten de gasten allemaal op hun kamer.

Anticipatoire rouw
Wat mensen niet voldoende erkennen, is dat anticipatoire rouw veel erger kan zijn dan de confrontatie met de dood. Ik vond januari 2023 echt een verschrikkelijke periode. Om er totaal alleen voor te staan en geconfronteerd te worden met het feit dat een naaste onder hersentumoren lijdt. Om te weten dat het verlies onontkoombaar is, omdat geen behandeling wordt geboden. Om niet te weten hoe erg het verloop zal zijn als je naaste drie tikkende tijdbommen in het hoofd heeft, waarvan één een grote bloeding gaf. Ik heb het al vaker gezegd: door het besef dat mijn wereld binnen korte tijd in zou storten en ik niemand meer zou hebben, voelde ik me alsof ik zelf in duizend stukken was gebroken en constant werd versnipperd tussen naar huis gestuurd worden en dáár willen zijn.

Mijn eigen thuis voelde in de week waarin ik het huis voor het eerst weer bezocht als een vijandige plek, een hatelijke plek, een kaal hol, een zielloos iets waar niets meer over was van ons. Een plaats van hopeloosheid. Als iemand toen de hele boel had gesloopt, had me dat werkelijk niets kunnen schelen. Ik had tot eind januari nodig om ons huis weer een beetje te accepteren, al bleef het een vreemde plek om te zijn. Na haar dood op 18 februari heb ik me ertoe gezet om zo snel mogelijk weer te wennen aan ons huis.

Het gemis tekent zich voor mij zo duidelijk af, al vanaf de avond van haar dood (wat was het onwerkelijk om voor niemand naar huis te gaan, om niemand meer in mijn leven te hebben..). Ik mis haar humor, opvallende aanwezigheid en ongeduld. Ik was gewend om voor mijn eigen afspraken alleen naar het ziekenhuis te gaan en ik deed veel alleen, maar dan kon ik wel het met haar delen als ik iets wilde bespreken. Ik ging altijd mee naar haar ziekenhuisafspraken. Ze was altijd heel erg aanwezig; sommige mensen hebben dat. In een menigte viel ze op. Noem het charisma, noem het iemands innerlijke energie. Dat laatste was bij mijn moeder heel erg merkbaar. We werden los van elkaar ook heel erg druk en beweeglijk genoemd. Wij hadden hetzelfde bioritme. Soms kan het botsen als je qua energie op hetzelfde niveau zit, maar die overeenkomst in energie is ook iets wat de ander heel goed aanvoelt en als geen ander begrijpt. Ik zeg dit niet om haar op een voetstuk te plaatsen. Mensen maken niet vaak iemand mee die zo is. Mijn moeder en haar moeder hebben zware medische tegenslagen gehad en klaagden nooit ergens over. Ze waren van geboorte af optimistisch, ondanks de ellende waar zij in zijn gestort. Misschien lijken we qua karakter wel erg op elkaar. Dat is waarom ik zo iemand in mijn leven mis.