Posts tonen met het label ongelukkigheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ongelukkigheid. Alle posts tonen

zondag 8 oktober 2023

Taboe: zonder psychisch lijden erkennen dat je niet gelukkig bent/niets hebt om naar uit te kijken [eenzaamheid is allesbehalve een luxeprobleem]

Toxisch: Domme clichés/mantra's/zelfhulptruïsmen over ongelukkig zijn en eenzaamheid hebben nog nooit iemand geholpen
Het is beladen om zonder psychisch lijden te erkennen dat je niet gelukkig bent en niets hebt om naar uit te kijken. Mensen willen over het algemeen de weg van de minste weerstand en alles "fixen" met de domste uitingen waar niemand iets mee kan:

"Het is een kwestie van mindset"
"Wees dankbaar dat je weer een dag hebt"
"Je weet nooit wat de toekomst brengt/Morgen kan alles veranderen"
"Als je je eigen gezelschap waardeert, zul je nooit eenzaam zijn"
"Je kunt toch een hobby bedenken en daarmee aan de slag gaan?"
"Je moet genieten van de kleine dingen"
"Houd je dan niet van eten/films/muziek?"
"Je moet leren om gelukkig te zijn"
"Leer de kleine dingen in het leven waarderen"
"Het is zelfmedelijden, want in andere delen van de wereld hebben ze ergere problemen"

"Ga er dagelijks op uit"
"Probeer positief te denken"
"Zeg positieve dingen tegen jezelf"
"Wees niet zo op jezelf gefocust, maar focus je op wat belangrijk is"
"Stop met negatieve gedachten"
"We geloven dat het nooit genoeg is, daardoor ontstaat ongelukkigheid"
"Ga iedere dag sporten"
"Als je niet voor jezelf wilt bestaan, betekent dat dát je andere mensen nodig hebt en dus afhankelijk bent van anderen. Je zegt daarmee onbewust dat je afhankelijk bent"
"Help degenen die minder privileges hebben"
"Adopteer een hond"


Deze mantra's/clichés, truïsmen en cirkelredeneringen hebben werkelijk nog nooit iemand geholpen. Ik kan ze dan ook niet serieus nemen. Het is toxische positiviteit, omdat een ander niet luistert naar wat ik zélf te vertellen heb, maar zo snel mogelijk wil "mooipraten" om ervan af te zijn. Ik vind het dan ook een verademing dat ik soms mensen tegenkom die voor erkenning staan, in plaats van simpele verklaringen en schijnoplossingen op te dringen.

"Die weet zich wel te redden" vind ik ook een regelrechte belediging. Wat valt er te redden als ik diep ongelukkig ben? Dat eeuwige gezeik van mensen over "Je weet niet wat de toekomst brengt" en "Morgen kan alles anders zijn" is hopeloos naïef wensdenken. Net als "Wie goed doet, goed ontmoet". Dat gaat ervan uit dat mensen moeten deugen om op wederkerigheid te kunnen rekenen.

Leed vergelijken is een kortzichtige manier om iemands gevoelens te ridiculiseren. Eenzaamheid wordt als eerste-wereldprobleem of hoogontwikkelde landen-probleem gezien. In de meeste ontwikkelde landen horen de burgers niet tot de geprivilegieerden. Dat is schijn. Bovendien heeft lijden onder eenzaamheid niets te maken met ondankbaarheid of de afwezigheid van mensonterende omstandigheden. Eenzaamheid is geen luxeprobleem, maar een schadelijk fenomeen. 

Mijn ervaring is dat intelligente mensen daadwerkelijk sociaal intelligenter zijn en niet snel met loze aannames/clichés/schijnvergelijkingen komen om eenzaamheid en ernstige ongelukkigheid te "relativeren" (leed vergelijken met leed is bepaald geen relativering, maar een manier om iemands gevoelens te bagatelliseren). Mensen die clichés en toxische positiviteit reproduceren zijn niet (sociaal) intelligent. Mensen zonder voorstellingsvermogen hebben erg de neiging zichzelf een beeld te schetsen vóórdat ze goed hebben geluisterd. Daarom blijf ik bij ze weg.

Confronterend?
Ik merk nog steeds dat mensen het confronterend vinden als ik eerlijk vertel dat ik ongelukkig en eenzaam ben. Ze verwachten het niet. Ze zien mij als vrolijk, open, een gemakkelijke prater, geslaagd. Ik doe ook niet alsof. Ik heb er geen belang bij om te doen alsof ik vrolijk ben en thuis anders te zijn dan in het openbaar; ik ben volledig en onbeschaamd mezelf. Ik twijfel niet aan mezelf, ik vind het niet interessant om door iedereen aardig te worden gevonden, ik ben geen pleaser, ik ben niet op mezelf. Ondanks het langdurig eenzaam zijn en alles verloren te hebben wat mij lief is, ben ik nooit labiel geworden. Mijn karakter is ontzettend stabiel. 

Het is géén paradox dat ik ongelukkig ben: ik heb namelijk letterlijk geen naasten. Ik sta voor mezelf op, ik ga alleen naar bed. Dit is niet het leven dat ik wil en ik kan er niets aan veranderen. Ik heb geen eigen familie en ik kan niet zomaar vrienden in mijn omgeving tevoorschijn toveren.

Ik ben intelligent (dat is geen waardeoordeel, wel een cruciale factor in het leven). Ik heb niets aan contact met zomaar iedereen, noch met de "zachte sector", zoals vrijwilligerswerk om de kring van kennissen uit te breiden. Niets hebben aan vriendschappen met iemand die niet van een gelijkwaardig niveau van functioneren is, zegt niet dat ik niet met mensen kan communiceren of geen vriendschappen kan opbouwen. Het zegt dat het niet makkelijk is om aan adequate vriendschappen te komen.

In de omgeving waar ik nu vastzit, is het niveau heel erg laag; de mensen hebben geen interesses. Mensen sluiten zichzelf binnen op, er is geen gemeenschapszin en met de zeer laag functionerende mensen die deze buurt dagelijks bezoeken in het uitgaansgebied, valt geen normaal gesprek te voeren.

Ik heb niets om naar uit te kijken. Dat is geen (deprimerende) levensinstelling, maar een gevolg van geen naasten hebben. Leven voor interesses en de "kleine dingen" is gezever als je geen naasten hebt. Mensen zijn sociale wezens en een (emotionele) band met iemand is het belangrijkst; de rest is ondergeschikt in het leven. Ik weet niet hoe het zou zijn als ik er als 40'er, op middelbare leeftijd of als oudere alleen voor was komen te staan in plaats van nu. Ik kan alleen maar zeggen dat ik ervan hield om een warme band met mijn naaste te hebben. Dat heb ik niet meer. Het sloopt me, het heeft me letterlijk kapotgemaakt om alleen te zijn en nee, het is niet eenvoudig om gelijkwaardige contacten te krijgen als hyperintelligente.

Sommige mensen zeggen tegen mij 'Vriendschappen zijn ook niet alles', of 'Familie is ook niet alles'. Dat zeg ik helemaal niet! Net als de mythe van de eeuwige "happy single" zijn deze uitspraken gebaseerd op de vergelijking met ongelukkige familierelaties en ongelukkige vriendschappen. Ik wil geen ongelukkige relatie; ik verlang naar affectie, warmte, gezelligheid. Aanraking, elkaar aankijken, er zijn, iemands aanwezigheid voelen, ruiken, horen. Ik wil mijn enthousiasme aan iemand kunnen geven. Ik ben niet een moeilijke, complexe persoon. Ik houd ontzettend van humor, activiteiten, dans, ik ben onuitputtelijk. Ik ben authentiek. En diep ongelukkig. Ik ga niet doen alsof het me niet raakt, als ik van binnen al kapot ben.

Voor mij is het een straf om alleen te zijn. Ik heb er totaal geen levensvreugd aan, dat alleen-zijn.



dinsdag 5 september 2023

Ongelukkig zijn mag ook worden erkend. Realiteitszin is beter dan mooie woorden zoals "De toekomst zal beter worden"

"Er breken vanaf nu vast betere tijden aan"
"Ik hoop dat je gelukkig zult worden"
"Op je toekomst, het kan alleen maar beter worden na een nieuwe start"


Ik weet dat mensen elkaar proberen te motiveren, maar waarom altijd maar dat "Gelukkig worden" nastreven? Waarom altijd dat gedoe over een "toekomst"? Waarom altijd dat "Je moet toch doorgaan"? Van wie?

Ik heb de indruk dat mensen het over vooruitgang en de toekomst hebben zonder dat ze realiteitszin hebben. Over de toekomst praten is abstract. De manier waarop vaak over de toekomst wordt gesproken, dat deze wordt voorgesteld alsof morgen alles ineens anders kan zijn in positieve zin, heeft niets met perspectief te maken.

Ik streef helemaal geen toekomst na! Het is niet zo dat ik een nihilist ben. Mensen zijn bezig over gelukkig zijn als doel, maar wat de meesten opnoemen zijn tijdelijke prikkels die bevredigd worden en die niets met existentie te maken hebben. Ik denk niet te ver door. Ik zie het leven heel helder. 

Ik weet dat ik niet meer gelukkig ga worden en ik weet exact waardoor:
1. Ik ben na de dood van mijn moeder enige nabestaande Oostslaaf in Nederland en door de voorloper van VT gescheiden van mijn echte familie;
2. Ik heb geen andere naasten;
3. Ik ben langdurig eenzaam door de stigma's tegen hoogbegaafden, maar ook door uitsluiting door vrouwelijke leeftijdsgenoten die me als concurrent beschouwden;
4. Ik kan moeilijk gelijkgestemden vinden.

Die onzin van "Je moet toch door" en "Het leven is de moeite waard" accepteer ik niet. Het is ontzettend wrang om niemand te hebben en dan door te gaan met bestaan. Die drek van "Je moet zelf je leven invullen" is ook zinloos om tegen mensen te zeggen. Ik heb nooit iets gehad met mooie woorden en mantra's, zoals "Je weet niet wat de toekomst brengt". Daar is een flinke dosis naïviteit voor nodig die mij vreemd is. Als kind van een helderziende en als iemand die tot en met februari 2023 zelf heldervoelend is geweest, ben ik een echte realist. Voor mij heeft aan iets vasthouden om ergens in te kunnen geloven, geen betekenis. Ik weet wat ik weet. Het leven op aarde is voor mij vanaf mijn geboorte bestemd geweest om eenzaam te verlopen, wat heel cru is omdat ik juist gericht ben op gezelligheid, activiteit en tot aan mijn schooltijd (waar ik met domme, stugge en chagrijnige mensen te maken kreeg) altijd vrolijk was.

Als ik openlijk bespreek dat ik ongelukkig en eenzaam ben, dan merk ik dat mensen dat confronterend vinden. Ze zien me niet als zodanig. Ik ben niet het stereotype-ongelukkig/eenzaam persoon. Ik doe me nooit anders voor, want ik geef geen zier om reputatie. Bijna iedereen vindt mij vrolijk, of juist elitair, snel, actief, pienter, alert, helder. Dat heeft een kern van waarheid: ik weet dat ik niet met iedereen en alles genoegen neem, ik ben niet labiel en meegaand. 

Ik besef inmiddels dat ik anders denk en voel dan de meeste mensen die ik heb ontmoet. Ik ervaar en voel niet langs de lijnen die door andere mensen voor hún gelijkgestemden zijn uitgezet. Dat verklaart waarom ik me nooit kan vinden in clichés en volkswijsheden. Mijn bewustzijn is altijd veel sterker geweest. Ik zie alles zoals het is. Ik heb een snel associatief vermogen. Ik "lees" intenties van mensen en schat vrijwel altijd accuraat in hoe iets verloopt. Ik denk multidimensionaal. Ik voel atmosferen, ook uit het verleden. Voor mij is gelijk hebben oninteressant. Mijn directheid is niet naïef, maar complementair aan mijn bioritme en karakter. Ik heb de neiging om mensen direct te bellen of aan te bellen en actie te ondernemen, maar de valkuil is dat ánderen dat confronterend vinden of het als lastig interpreteren.

Korte versie: deze factoren spelen mijn leven lang een rol in mijn eenzaamheid en ongelukkigheid en deze factoren liggen helaas buiten mijn invloed
Het is simpel om aan te geven waarom ik niet gelukkig ben en word. We zijn een leven lang geschoffeerd en ik krijg tot op de dag van vandaag keer op keer een trap na. De meest recente trap na is dat ik na de dood van mijn moeder op onrechtmatige gronden uit het huis word getrapt. Als professional kan ik er niets tegen beginnen, omdat de rechter een vordering passeert als de verhuurder weigert de Huisvestingsvergunning te tekenen. Ik weet hoe rechters oordelen en hoe hun jurisprudentiekaders werken. Ik weet dus ook als geen ander dat een procedure eindigt als een verhuurder de vergunning weigert.

Het ergst is dat ik in een kamer terechtkom waar de vorige huurders de keuken na de formele overdracht van de papieren, totaal vernield hebben achtergelaten. Ik zit nu met andermans afgedankte troep die ik niet zomaar naar de vuilstort kan brengen, omdat ik daar geen mogelijkheid toe heb. Afgezien van hoe dit op dit moment mijn leven verpest, heb ik langdurig te maken met ongelukkigheid en eenzaamheid en wel door duidelijke factoren:

1. Ik heb mijn leven lang te maken met stigma's rond hoogbegaafdheid. Anderen vullen op voorhand voor mij in hoe ik me voel en denk over anderen. Sinds mijn derde is dit de rode draad in mijn leven
Onlangs zei een kennis 'Ja, maar daar moet je je niets van aantrekken'.
Ik zei 'Ik trek me er helemaal niets van aan, maar ik heb er geen invloed op hoe iemand over hoogbegaafdheid denkt en het gevolg is stigmatisering die tot uitsluiting leidt'. Mensen denken dat ik vast op anderen neerkijk, dat ik vast snel verveeld ben, dat ik hyperkritisch ben, dat ik moeilijk denk, dat ik perfectionistisch zal zijn.

2. Ik ben van een helderziende met een heel open, direct karakter, iets dat door mijn Slavische oma is doorgegeven. Hoe anderen denken over leven, dood en verlies, is voor mij anders. Ik kan het niet met de meeste mensen bespreken, omdat zij niet begrijpen hoe het is
Met de dood van mijn moeder ben ik de enige belangrijke persoon in mijn leven kwijt. Wij waren qua bioritme en karakter heel erg gelijkend. Daar komt nog iets anders bij: ik ben van een helderziende. Ik mis contact met helderzienden in mijn leven. Ik mis ook het unieke dat onze karakters typeert: mijn oma, moeder en ik waren en zijn heel direct, handelen en denken onomwonden en hebben een snel bioritme. Mensen die deze karaktertrekken hebben, maak ik niet vaak mee. Niet genoeg.

3. Ik weet niet waar mijn eigen familie in Oost-Europa woont, omdat de Staat een oneigenlijke adoptieconstructie heeft opgelegd en de familienaam heeft gewist
Het is een straf om als enige nabestaande verder te leven en niet te weten waar mijn familie (Oost-Europa) leeft. Het is een eenzaam gevolg van de remigratie die is gesaboteerd door de voorloper van Veilig Thuis, die mijn oma in een Nederlands gezin heeft geplaatst waar ze als slaaf werd gebruikt. Ik word nog steeds niet als Nederlander gezien. Vanaf de eerste blik vragen volslagen vreemden of ik een Rus of Oekraïner ben. Recentelijk werd ik door iemand met wie ik aan de praat raakte, geassocieerd met de Oekraïense minnares van zijn vader. Tijdens een sollicitatie vroeg de recruiter of ik wel een Nederlander was.

Niemand hoeft mij tegen te werpen dat het misschien niet zaligmakend is om mijn familie te kennen. Dat zeg ik ook helemaal niet. Mensen vergelijken met hun eigen familiebanden. Onze karakters komen toch echt ergens vandaan. Zonder afbreuk te doen aan verschillen, moeten er mensen zijn met wie ik karaktertrekken deel. Dat kan bijna niet anders, want wij drie generaties waarvan ik de laatst levende telg ben die is achtergebleven in Nederland, waren kopieën van elkaar. Dat is geen sentiment, we ervoeren op dezelfde manier.

De kans is ons ontnomen om ooit nog onze familie te ontmoeten. Onze cyrillische naam is gewist, al voor de oorlog in Oekraïne in 2014 begon was het onmogelijk om het spoor in de voormalige Sovietunie te traceren.

4. Wij zijn onder de armoedegrens getrapt toen mijn moeder door (in totaal 5 keer) kanker arbeidsongeschikt werd. Daardoor kwamen we in deze omgeving vast te zitten en werd mijn moeder tijdens de chemo's geschoffeerd door keuringsartsen die over lijken gaan.
We hadden het financieel altijd goed. De overheid voert het beleid dat mensen die door kanker en extensieve behandelingen arbeidsongeschikt worden, onder de armoedegrens worden geschopt. Mijn moeder werd tijdens de chemo's en bestralingen gekeurd en arbeidsgeschikt bevonden. Ze moest procederen tegen de besluiten op grond van valse rapportages van verzekeringsartsen die over lijken gingen. In die neprapporten van UWV-verzekeringsartsen werd handjeklap en potjes op planken zetten verbonden aan het oordeel "Arbeidsgeschikt, 100% in staat om aan het werk te gaan". 

Financiële reserves raken een keer op. Mijn moeder hield niet van deze streek, waar ze alleen maar voor werk was gevestigd. Ze wilde terug naar Wassenaar of Scheveningen. In deze groeikern waar ook Rotterdammers neerstreken, kwamen veel asocialen en volkse mensen wonen. De afgunst onder de mensen met een paupermentaliteit ging ver. Hier opgroeien leerde mij dat agressie en "ieder voor zich" de heersende mentaliteit waren en dat de meeste mensen chagrijnig waren. Er was geen interesse in cultuur, dus niet in muziek, dans, intellect. Er was geen interesse in wetenschap. De mensen hier leefden en leven voor het in de gaten houden van hun buren, praten over zwangerschappen, relaties, vreemdgaan, uiterlijk, de sportschool, tv-zenders en al dat soort onzin. Het zijn echte low-lifers waar mijn moeder niets mee te maken wilde hebben.

Met een leven onder de armoedegrens kun je echter al niet eens een dag met de trein naar een andere streek. In Nederland onder de armoedegrens worden gestort, betekent dat je geen nieuw bed kunt kopen, geen fiets, geen kapotte wasmachine kunt vervangen, dat de kapotte vloerbekleding moet blijven liggen na waterschade door het achterstallige onderhoud door de verhuurder, dat het tevens door waterschade gebladderde behang niet kan worden vervangen, dat een nieuwe matras ondenkbare luxe is. We waren sterk beperkt in onze mogelijkheden. Ik zat nog op de basisschool, dus ik kon het financieel ook niet opvangen.

5. Vriendschappen lopen stuk, niet vanwege iets wat ik doe of zou laten, maar op een giftige combinatie van amoureuze gevoelens, afgunst bij "de vrouw van"/"vriendin van" en wéér dat stigma over hoogbegaafdheid
Omdat ik bij de meeste vrouwelijke leeftijdsgenoten sinds mijn 12e niet welkom ben, heb ik alleen maar mannelijke vrienden (gehad). Ik deel alles met deze mannelijke vrienden alsof ik één van hen ben, met de keerzijde dat ik door hun vrouwen of vriendinnen als de verleider word gezien. Ik was nooit eenzaam toen ik mijn tijd in bètaklassen en daarna in de ict doorbracht. Als enige meisje tussen de jongens voelde ik me thuis bij de (harde) grappen, maar ook bij het empathische van jongens die van samenwerken hielden.
Vriendschappen met mannen zijn voor mij zo vanzelfsprekend, maar het is wel een complicerende factor dat ik hetero ben en wat anderen betreft seksuele signalen uitzend.

Lange versie: ik weet dat ik nooit meer gelukkig word. Dat hoeft ook niet. Hierdoor komt het
In de eerste plaats ben ik ongelukkig, doordat ik de belangrijkste persoon in mijn leven kwijt ben. Wij waren als gezin volmaakt tevreden, ondanks de diepe armoede en ellende waar wij als gezin door toedoen van het stelsel voor arbeidsongeschiktheid in zijn gestort.

1. De laatste telg van een extreem kleine Slavische migrantenfamilie zijn en familie niet kunnen traceren

Ik ben de laatste telg van een extreem kleine Slavische migrantenfamilie en kan niet achterhalen waar mijn biologische familie woont (Oekraïne, de Baltische Staten, Rusland of de buitenranden van Rusland). Kort gezegd heeft de Nederlandse Staat bij mijn oma een streep door onze geschiedenis gezet door haar naam kort na de geboorte te verwijderen en haar door Veilig Thuis in een nepadoptieconstructie te laten plaatsen bij Nederlandse "ouders". Mijn oma heb ik slechts 10 maanden gekend, maar ze heeft me vanaf de leeftijd van 5 maanden wel leren praten en mijn eerste ontwikkelingen meegemaakt. Ik schijn een goede band met haar te hebben gehad; wij konden heel erg lachen samen in die tien maanden na mijn geboorte. Ik communiceerde volop met haar en mijn moeder.

2. Kanker heeft ongenadig toegeslagen bij mijn oma en moeder. Wij kregen nooit hulp, we kregen geen WMO-voorzieningen terwijl ik nog een schoolgaand kind was én we werden onder de armoedegrens gestort
Zowel mijn oma als mijn moeder zijn in het leven ongenadig getroffen door kanker. Al vroeg werden zij ermee geconfronteerd. Ondanks dat klaagden zij nooit, hoe zwaar het ook was. Als je door kanker arbeidsongeschikt raakt, word je namelijk onder de armoedegrens getrapt. Mijn moeder moest soms met een drain in een zakje met het ov naar huis, omdat de WMO werd afgewezen en ze geen eigen vervoer had na chemo's, bestralingen en operaties. Voordat de kanker mijn moeder 5 keer in het leven trof, hadden we het op alle fronten goed. Ze kon door de vooroordelen over kanker niet meer terug aan het werk als leidinggevende op chirurgie en voor andere functies werd ze afgewezen, vanwege de "cancer scare". Als kind dat naar groep 7 van de basisschool zou gaan, werd van mij verwacht dat ik naast school ook het huishouden zou doen en zorg zou verlenen. We hadden geen financiële reserves meer om een kapotte wasmachine te vervangen, de door lekkage beschadigde vloerbekleding te vervangen, na water- en gaslekkages van deze verkrotte huurwoning nieuw behang te kopen en een nieuw matras kopen was onmogelijk. Mijn moeder had nooit schulden, maar we hadden ook geen bestaansmogelijkheden.

3. Stigma's over hoogbegaafdheid/hyperintelligentie

In de tweede plaats heeft bij mij diep ingegrepen dat ik sociaal word uitgesloten omdat mensen het "eng" vinden dat ik hoger intelligent ben. Dit zijn de mensen met wie ik in mijn directe omgeving (woonomgeving, studie, werkzaamheden) te maken heb. Het is geen vage notie; ik heb mijn leven lang te lijden onder de stigma's rond hoogbegaafdheid. Ik ben niet degene die zichzelf typeert als hyperintelligent of hoogbegaafd. Mensen vullen altijd, echt áltijd, voor mij in dat ik "me vast ga vervelen met anderen", "dat ik vast hyperkritisch en perfectionistisch ben", "dat ik waarschijnlijk altijd behoefte heb aan complex denkwerk",  "dat ik anderen vast een stelletje dommerds vind (letterlijk gehoord)". Stigma's en clichés werken kwaadaardig uit; ik kan met geen mogelijkheid bestrijden dat een ander dit oordeel direct velt. De laatste keer dat ik bij een psychologe was om eenzaamheid voor te leggen, wilde ze de rivaliteit aangaan door te zeggen dat ik me "Vast verheven voelde boven anderen vanwege mijn intelligentie", terwijl ik niet eens over IQ of begaafdheid had gesproken!

Met de sociale isolatie die aan mij wordt opgelegd, is nauw verweven dat anderen denken dat ik mezelf altijd wel weet te redden in het leven. Het is waar dat ik de creativiteit heb om tot op de dag van vandaag zeer complexe juridische vraagstukken tot een goed einde te brengen en mezelf uit onmogelijke situaties te redden. Een voorbeeld: toen mijn moeder dit jaar in het ziekenhuis belandde met hersentumoren, had ik zelf al sinds het najaar van 2022 een PoTS-episode, met zware ritme-stoornissen. Ik werd door het Erasmus MC op straat gezet omdat ze géén rekening houden met familieleden die zelf medische problemen hebben. Ik heb een week lang in een doorweekte badjas en op pantoffels in de stad gelopen, op zoek naar een slaapplaats, omdat ik niet thuis kon komen. Ik moest me onderweg aan alles vasthouden, omdat ik door die ritmestoornis niet op mijn benen kan staan. Ik vroeg het ziekenhuis en maatschappelijk werk om professionele ondersteuning, maar die kreeg ik niet. Wéér werd gezegd dat ik mezelf wel wist te redden.

4. Ik ken alleen maar de lelijke kanten van "niet geholpen worden als de nood onvoorstelbaar hoog is". Mensen die denken dat overal wel een oplossing voor is, leven al 40 jaar onder een steen en dringen hun "ik zou als ik jou was..." aan iedereen op, zonder dat iemand is geholpen met die opdringerige ongevraagde nutteloze adviezen
De lelijke kanten van niet geholpen worden als de nood onvoorstelbaar hoog is, heb ik mijn leven lang ondervonden. Niet zonder reden heb ik een pesthekel aan "Komt goed", "Je kunt zoveel", "Jij weet je altijd zo te redden", "Ik weet zeker dat het goed komt".  Wat "Komt goed" voor mij inhoudt, is dat ik zelf het afscheid van mijn moeder moest regelen en daar alleen stond toen zij in de kist lag omdat haar zogenaamde vrienden haar in de steek hebben gelaten, dat ik mijn woning word uitgeknikkerd, met dubbele kosten word geconfronteerd omdat het medehuurderschap op onrechtmatige gronden is afgewezen, dat ik zelf de sloop en het onderhoud moest doen en daar al op de dag na de dood van mijn moeder mee moest beginnen, dat ik geluk heb dat ik gewend ben om mijn eigen man te moeten zijn en het zware fysieke werk eigenhandig te verrichten, dat ik in staat ben om (buiten PoTS-episodes) bomen uit te graven en aan stukken te hakken, dat ik de hele tuin binnen één dag heb weten uit te graven, dat ik in de avonduren het hele huis heb geschilderd, het interieur en de massieve houten tuintafel aan mootjes heb weten te hakken, dat ik zelf de afwikkeling en vereffening van de nalatenschap heb gedaan, dat ik in het leven weet te navigeren en de gave heb om alles tot op de bodem uit te doorgronden, dat ik met multidimensionale situaties kan omgaan.

Mooie woorden zijn giftig zolang ze lege omhulsels zijn en "vrienden" en kennissen niet bereid zijn om je ook maar enigszins bij te staan. Mijn moeder en ik waren zo ánders. Wij stonden direct voor iemand klaar als het nodig was en niet om te deugen, niet om naar de buitenwereld te laten zien van "Oh, kijk eens hoe aardig we zijn". Daar gaven wij allebei niet om, om deugdethiek en plichtmatigheid.

Niemand hoeft mij te troosten met woorden als "vooruit, op je toekomst". Ongelukkig zijn moet kunnen worden erkend. Het hoeft niet met mooie woorden te worden gefixt. Voor mij is het goed genoeg als ik ongelukkig mag zijn. Die realiteitszin is niet hetzelfde als "ongelukkig willen zijn" of "kiezen voor eenzaamheid".

Het is geen depressie of depressiviteit.
Het is niet met eenzaamheid en ongelukkigheid koketteren.
Het is niet zwelgen in zelfmedelijden.
Het gaat niet om vereenzelviging met eenzaamheid en ongelukkigheid.
Dit is geen kwestie van een "mindset" (de zompige illusie dat mensen een mindset hebben die ze kunnen veranderen, helpt niet).
Geen kwestie van een sociaal-emotioneel onvermogen.
Het heeft niets te maken met pessimisme.
Niet met arrogantie of gelatenheid.

Ik ben niet losgezongen van de realiteit en heb geen laag of te hoog zelfbeeld. Ik ben emotioneel stabiel.
Mensen die ik ontmoet, denken dat ik níet eenzaam of ongelukkig ben. Ze verwachten het echt niet, terwijl ik me toch echt nooit anders voordoe. Ik hoef niets te fingeren. Ik denk dat het des te "shockerender" is als ik eerlijk zeg dat ik eenzaam en daarom diep ongelukkig ben, omdat mensen eenzaamheid en ongelukkigheid associëren met somberheid, een gelaten houding, emotionele labiliteit, afhankelijkheid, een laag zelfbeeld, een triest uiterlijk, in elkaar gezakt lopen, futloosheid, geklaag, projectie van pessimisme of cynisme en emotionele onbereikbaarheid. Dat heb en ben ik allemaal niet. Ik ben druk, ik ben beweeglijk, onvermoeibaar, praatgraag, ik ben een geboren danser, snel, daadkrachtig.
Ik zie depressie niet als een schande of taboe, maar ik heb het niet. Als het wel zo was, zou ik het gerust zeggen.

Hoe fout een a-selecte gespreksgroep kan zijn: op mijn zestiende zei een psycholoog 'Eenzaamheid en depressie zijn hetzelfde. Ik stel je voor aan een praatgroep voor uiteenlopende psychologische klachten'. Ik kwam in een groep waar 2 mensen urenlang aan het doorbomen waren over afhankelijke relaties en gokverslavingen
Als zestienjarige legde ik eenzaamheid voor het eerst voor en toen werd ik naar een gespreksgroep verwezen met depressieve mensen van alle leeftijden. Eenzaamheid en depressie zouden volgens de psycholoog naar wie ik werd verwezen, twee synoniemen zijn. Ik herkende me totaal niet in de ervaringen die ik hoorde, maar ook niet in de symptomen die door de mensen met een depressie of depressiviteit werden omschreven. De gesprekken gingen over interrelationele afhankelijkheid, labiliteit, gokverslavingen, futloosheid, niet uit bed kunnen of willen komen en zelfmoorddreigementen om partners vast te nagelen. Eerlijk gezegd schrok ik me rot van de bak ellende die werd uitgestort binnen de gespreksgroep en de neiging van sommige deelnemers om anderen in de misère mee te sleuren door groepsleden in het weekend te bestoken met telefoontjes. In alles was ik het tegenovergestelde. Eenzaamheid mocht dan wel de gemene deler zijn, de oorzaak lag bij mij niet in een psychologisch syndroom. 

Eenzaamheid maakt permanent iets kapot; ik ben al zo lang gewend om eenzaam te zijn, dat er iets onherstelbaar is vernietigd. Ik ben weliswaar gewend geraakt aan eenzaam zijn, maar dat neemt niet weg dat ik nooit meer een normale nacht heb en dat het soms niet te verdragen is. Bij hoge intelligentie is het bovendien heel moeilijk om gelijkgestemden te vinden. Dat is niet: mensen die overal hetzelfde over denken, maar een gelijkwaardig functioneren. Het zit niet in de eerste plaats in de interesses die mensen hebben, maar in hoe wij naar de wereld om ons heen kijken en menselijk gedrag doorzien. Als een ander niet doorheeft hoe het leven werkt en wat de intenties van anderen inhouden, dan kan het contact per definitie al niet gelijkwaardig zijn. Ik ben niet zoals de meeste mensen die ik ken. Onintelligente mensen vinden gelijk hebben en alles wat hun ego bevestigt heel erg belangrijk. Ik merk ook dat onintelligente mensen zichzelf heel erg intelligent vinden, bezig zijn met in de gaten houden hoe andere mensen hun leven invullen en hun eigen mening als feiten beschouwen.

Ik ben anders dan de meeste mensen die ik ontmoet. Ik ben niet van de populaire uitspraak "Ik pas nergens tussen", want dat zeggen mensen die zo graag uniek willen lijken. Nergens tussen denken te passen is juist heel universeel en meer een eigen perceptie dan de realiteit. Bij mij is het andersom. Ik heb een ander bewustzijn, een sterker bewustzijn dan de meesten, ik kan intenties van anderen lezen sinds mijn eerste levensjaar. Leven, dood en bewustzijn zijn voor mij andere ervaringen dan voor de mensen die niet dezelfde vermogens hebben. Ik voel atmosferen aan. Ik kan bij mensen accuraat aanvoelen dat iemand oneigenlijke beweegredenen heeft. Ik heb geen wantrouwen nodig, omdat een sterke intuïtie bij geboorte is gegeven.

Dat maakt mij niet een moeilijk iemand, of iemand die moeite heeft met het leggen van sociale contacten. Ik ben eenzaam omdat ik in mijn omgeving nooit gelijkwaardige contacten heb kunnen krijgen (ook niet op de universiteit), omdat de niveauverschillen te groot waren. Op alle gebieden. Mijn temperament en bioritme waren veel sterker en sneller dan die van de mensen die ik in mijn omgeving heb leren kennen. In wetenschap, cultuur, dans, muziek, expressie en kunst, al die multidimensionale uitingen van de menselijke vermogens, was werkelijk géén interesse in de omgeving waar ik opgroeide en waaraan ik helaas vast kwam te zitten door situationele omstandigheden.

Je kunt mij ook niets wijsmaken. Niemand kan mij paaien met mooie woorden of me vertellen wat ik moet doen aan eenzaamheid. Het is volstrekt niet zo dat ik me afsluit voor anderen, integendeel. Ik kan het alleen niet serieus nemen als mensen in mantra's spreken en denken dat eenzaamheid wel even kan worden opgelost. Niet alles in het leven kan worden opgelost!

Daar komt voor mij bij dat de belangrijkste persoon in mijn leven hier niet meer is. Ik heb letterlijk niets meer. Ik besta voor mijzelf. Ik leef van dag tot dag. Dat valt niet mee. Ik ben qua karakter juist zo gericht op het leven en de buitenwereld. Ik wil dit niet en er is geen oplossing voor. 

Wie dit leest:
Wie mij wil begrijpen, moet zonder vooroordelen lezen wat ik zelf heb te zeggen.

Het is niet dat ik het leven niet aankan of labiel ben en geen uitweg zie.
Ik ben niet depressief, niet pessimistisch.
Eenzaamheid heeft me echt beschadigd.
Mijn eenzaamheid heeft niets te maken met zelfbeeld, maar met de stigma's waar ik niet tegenop kan. Mensen die ik ontmoet heb, zagen hoge intelligentie als een bedreiging en ze namen aan dat ik hyperkritisch en snel verveeld zou zijn, omdat deze mythe over hoogbegaafden op alle wijzen, waaronder in de literatuur (zelfs in psychologie-artikelen) in stand wordt gehouden.

Niemand kan mij helpen omdat er geen "oplossing" is, of een methode om ermee om te gaan.
Mensen kunnen mij niet voor de gek houden. Ik ben niet te sussen met beloften en mooie woorden.
Ik houd niet van getut en wollige adviezen.
Ik heb vaak genoeg geprobeerd om een netwerk van gelijkgestemden op te bouwen.
Een aselecte groep mensen ontmoeten is geen garantie om gelijkgestemden te vinden.

Ik heb geen hekel aan small talk, maar de verschillen in levensvisies tussen de mensen in mijn buurt en ik maken het onderhouden van contact méér dan onbevredigend.
Ik heb geen moeite met contact leggen, maar echte vrienden in mijn buurt heb ik niet omdat we uit elkaar zijn gegroeid door verschillen.
Mijn vriendschappen met mannen zijn verziekt doordat vrouwelijke leeftijdsgenoten lekker flink hebben gestookt en ze voor een nodeloos loyaliteitsconflict hebben geplaatst.

Ik weet dat het hebben van familie, een gezin, vrienden of andere naasten onmisbaar is voor levensgeluk en een gevoel van perspectief, omdat sterke sociale banden inherent zijn aan het wezen van sociale dieren van het empathische type.
Dat heb ik niet meer en daar kan ik niets aan veranderen.
Ik kan een relatie met een man die bij me hoort ook niet afdwingen ("Je weet nooit of je hem ontmoet" is niet realistisch. Compatibiliteit is een groot goed voor het krijgen van een liefdesband met iemand, maar sommige mensen vinden helaas nooit die persoon die bij ze past en doen het met een illusie. Dat wil ik nooit).

Ik deel dit niet in persoon met iemand, omdat ik niet zit te wachten op andermans drang om iets te "fixen".

donderdag 6 juli 2023

[Taboe] Ongelukkig zijn: doorbreek het taboe!

Ik heb geen gebrek aan energie. Ik kan zeggen dat ik fysiek en mentaal actiever ben dan veel mensen. Er is niet iets dat mij snel uit kan putten. Nog nooit in mijn leven heb ik de hele dag op bed gelegen, met de Luxaflex dicht gezeten, me afgezonderd of moeite gehad om mezelf vooruit te slepen.

Dat heeft er allemaal niets mee te maken dat ik ongelukkig ben. Ik kies voor een taboevrij bestaan en bespreek het gerust openlijk. Daardoor krijg ik wel te maken met mensen die oorzaken willen aandragen of het ongelukkig-zijn proberen te "fixen" met allerlei bijzaken. Levensgeluk heeft niets te maken met de factoren die de meeste mensen noemen: euforie, infatuatie, prikkels die met de eerste levensbehoeften hebben te maken, zoals eten en drinken. Gelukkig zijn is iets fundamenteels, of beter gezegd: een existentieel iets.

Voor mij is duidelijk wat belangrijk is om gelukkig te zijn: sterke sociale banden hebben met een naaste (of naasten) en perspectief hebben.

Dat heb ik in beide gevallen niet. Ik ben mijn naaste kwijt en ik heb geen goed perspectief. Ik heb geen eigen familie of een sociaal netwerk waarop ik terug kan vallen. Ik vind het niet lastig om eerlijk te zijn: ik ben eenzaam. Ik merk weleens dat mensen het des te schokkender vinden dat ik een sterke, stabiele persoonlijkheid heb en eenzaam ben. Mensen proberen altijd "iets" te vinden om eenzaamheid te verklaren: misschien zijn eenzame mensen verlegen, in zichzelf gekeerd, arrogant, futloos, afstandelijk, onaardig, noem het maar op. Dat ben ik allemaal niet en dat maakt het confronterend als ik openlijk zeg dat ik eenzaam ben.

In tegenspoed komen veel mensen er wel achter dat ze niet veel mensen hebben om op terug te vallen, dus ik ben daarin volstrekt niet de enige. Het is wel heel erg alleen om in mijn directe omgeving niemand te hebben. Zeker omdat ik altijd gezelligheid en gezelschap wil. Ik ben niet op mezelf gericht en heb niet de behoefte om me af te zonderen.

Mijn huis kwijtraken als trap na voor de dood van mijn moeder

Het is ook nog eens een trap na dat ik mijn huis kwijtraak en naar een kamer moet verkassen door middel van een gedwongen verhuizing. De manier waarop: ik was in hoedanigheid (dat wil zeggen: als professional) bezig met een rechtszaak omdat mijn juridisch doorwrochte verzoek tot medehuurderschap op onrechtmatige gronden was afgewezen. Omdat ik dag en nacht voor mijn moeder moest zorgen toen ze in de palliatieve unit terechtkwam met longkanker, drie hersentumoren en uitzaaiingen naar de nieren, kon ik de rechtszaak niet doorzetten op dat moment. Er is misbruik van gemaakt dat de dood van mijn moeder na enkele weken volgde. Het condoleancebericht werd aan mij gestuurd met de boodschap "U kunt natuurlijk niet in de woning blijven". Een schoffering. 

Het kwam toen mijn moeder nog in het ziekenhuis lag ter sprake, dat ik niets had om naar uit te kijken na haar dood. Toen ik er gewoon over sprak dat ik ongelukkig ben, was het alle hens aan dek! Eerst was het "Maar je bent toch jurist? Vind je schrijven over rechtszaken en de maatschappij dan niet de moeite waard? En je werk? En je hebt hier neuroscience gestudeerd! Je schrijft daar ook over? En je bent tekenaar?" Ik zei: "Wat onbelangrijk allemaal, als je niemand meer hebt".

Daar schrokken ze van. Er werd gezegd dat het team een melding zou maken bij de huisarts. Ik zei 'Dat doe je niet. Ik deel iets in vertrouwen, vind je het gek als ik niets meer tegen je zeg?'
De reactie was: 'Ja nou, ik moet het toch melden'.

Dat iemand eerlijk durft te spreken over het taboe "ongelukkig zijn"! Ik sta ervoor dat negatieve aspecten van het leven mogen bestaan en bespreekbaar zijn. Zo moet het ook bespreekbaar zijn dat sommige mensen verrot veel pech hebben in het leven. Dat willen ontkennen is de ziekte van de maakbaarheidsindustrie, de gedachte dat je je eigen geluk volledig kunt beïnvloeden. Zoals de gedachte dat je een positieve levensinstelling kunt aannemen (de mensen die denken dat ze ervoor hebben gekozen om positief in het leven te staan, hebben dat meestal te danken aan een aangeboren harmonische functie van de receptoren 5-HT1A, 5-HT1B, 5-HT2A, 5-HT2C). 

Het gemis aan gelijkwaardig contact op een fundamenteel niveau van functioneren
Ik heb geen moeite gehad om vriendschappen te sluiten. Weliswaar bijna alleen met jongens en als volwassene met mannen, omdat ik vanaf mijn 12e door mijn vrouwelijke leeftijdsgenoten altijd als rivaal ben behandeld. Als ik binnenkom, word ik vaak nog steeds vuil bekeken door vrouwen die me voor het eerst zien. Twee weken geleden nog op een bijeenkomst, heeft een vrouw naast me een halfuur lang naar me zitten kijken, van top tot teen. Ik keek af en toe haar kant op en betrapte haar er dan op dat ze me zat te controleren. Ze keek niet eens naar de presentatie. Na afloop ging ze met anderen zitten smoezen.

Ik heb tot mijn 12e beste vriendinnen gehad en daarna nog een paar keer vrouwelijke kennissen met wie ik echt goed kon opschieten, maar verder ben ik altijd buitengesloten. Toen ik in het bijzijn van een groep meisjes van mijn leeftijd werd betast en wegliep omdat niemand me wilde helpen, kreeg ik er de schuld van. Ik zou de verleider zijn, de uitdaagster, de aanstelster en een blok aan het been door deze ongewenste intimiteiten waar ik mee te maken kreeg.

Ik heb mannelijke vrienden verloren omdat ze van hun vriendin of vrouw niet meer met me om mochten gaan. Een goede vriend van me kwam me een keer tegen in het bijzijn van zijn vriendin. Ze begon tegen hem te snauwen. Hij bekende later dat zij liever had dat hij niet meer met me sprak. Dat is me wel vaker gebeurd.

Met sommige mannelijke vriendschappen was het gedoemd om te mislukken. Ik werd een keer in een volle hal in mijn kont geknepen en betast door een man met wie ik tot dan toe een goede vriendschappelijke band met veel plezier en leuke gesprekken had. Hij zag kennelijk zijn kans schoon door de drukte om ons heen. Toen ik me omdraaide zag ik dat hij het was en dat hij ervan schrok dat ik hem betrapte. Ik voelde me zo belazerd!

Geen diepgang is nog wel het ergst van alles. Potentiële vriendschappen met mensen met wie ik leuk kan praten en die graag even blijven hangen, groeien scheef als de ander uiterlijke zaken en reputatie heel erg belangrijk vindt in het leven. Ik houd er ook van om over van alles en nog wat te kletsen, ik kan urenlang met iemand praten over het leven en gekke situaties, anekdotes en allerlei onzin. De grens ligt er wel bij dat ik niets wil weten over de "talk of the town". Ik voel me zo emotioneel leeggezogen en onbevredigd als mensen alleen maar iets van andere mensen vinden, in geklaag blijven hangen of over geld willen zeuren. Met dat soort geklaag zou ik iemand zo de deur uit willen zetten.

Ik kan er ook niet echt bij als mensen intenties van anderen niet doorhebben. Ik ben zelf heel erg een "mensenlezer" en heb nog nooit gehad dat mijn intuïtie verkeerde signalen gaf. Dat mensen alles aan anderen vertellen en geen clou hebben dat iemand niet te vertrouwen is, vind ik onbegrijpelijk en teleurstellend.

Ik zeg daarmee niet dat ik behoefte heb aan hoogdravend contact of alleen maar over moeilijke materie wil praten. De behoefte aan fundamenteel gelijkwaardig contact is moeilijk in woorden te vatten. Wat wél duidelijk is, is dat het bijna onmisbaar is om qua intelligentie, energie en persoonlijkheid op gelijkwaardig niveau te functioneren. Soms kom ik in contact met een hoogbegaafd iemand en ik kan er duidelijk over zijn: dat is een verademing. Een eerste gesprek met een hoogbegaafd iemand kan al verlopen alsof we elkaar al jaren kennen. Het is alsof die sociale antennes veel beter werken.

Diegene om gelijkwaardig contact mee te hebben had ik. Ik heb nu geen perspectief op iemand anders om gelijkwaardig contact mee te hebben. Al is het een kwestie van logica dat ik op een aarde van miljarden mensen, nooit zo uniek kan zijn dat helemaal niemand bij me past. Het kan natuurlijk wel zo zijn dat diegene bestaat en dat ik diegene nooit ontmoet in dit bestaan.

Van gelukkig kind naar iemand die het leven haat: ik ben door iedereen behalve mijn moeder altijd in de steek gelaten. De 5 keren dat ze kanker kreeg zijn wij als stront behandeld in het "geweldig warme" Nederland