Posts tonen met het label meester Mercedes Bouter. Alle posts tonen
Posts tonen met het label meester Mercedes Bouter. Alle posts tonen

vrijdag 6 september 2019

Kapitaal en vermogensbeheer van de vennootschap (nv/bv)

De balans is een verplicht onderdeel van de jaarrekening van de kapitaalvennootschap (art. 2:361 lid 1 BW; zie art. 2:364 BW voor de inrichting van de balans). Het geplaatste of gestorte kapitaal van de vennootschap wordt onder de passiva van de balans weergegeven (art. 2:373 lid 1 onder a en lid 2 BW). Het gestorte kapitaal wordt onder passiva vermeld, indien het geplaatste kapitaal niet is volgestort. Het geplaatste en gestorte kapitaal worden afgeleid van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap.

Het maatschappelijk kapitaal is het in de statuten vermelde maximum waarvoor aandelen mogen worden uitgegeven zonder wijziging van de statuten van de nv (art. 2:67 lid 1 BW) of de bv (art. 2:178 lid 1 BW). Voor de bv geldt géén verplichte statutaire vermelding van het maatschappelijk kapitaal. Het geplaatste kapitaal is de som van de nominale waarden van de uitgegeven aandelen. Het gestorte kapitaal is het deel van het geplaatste kapitaal dat op de aandelen is gestort.

Het geplaatste kapitaal minimum (dus niet: minimumkapitaal) is 20% van het maatschappelijk kapitaal, zie art. 2:67 lid 4 BW voor de NV. 
Maatschappelijk kapitaal = geplaatst kapitaal * 5.
Op grond hiervan is het minimum geplaatst kapitaal 25% van het geplaatste kapitaal, dus:
Geplaatst kapitaal= minimum * 4. 

Op grond van art. 2:67 lid 3 bedraagt het geplaatste kapitaal minimaal 45.000 Euro. In het overzicht spreek ik over "maximum" geplaatst en maatschappelijk kapitaal. Dit is het maximum, berekend op basis van de minimaal vereiste storting bij oprichting.

Kapitaal: maatschappelijk kapitaal, geplaatst kapitaal en stortingsplicht
Voordat de balans kan worden opgemaakt, moet onder meer het gebonden vermogen van de vennootschap worden berekend. De verplichting tot het opbouwen en bijeenhouden van gebonden vermogen, beoogt niet de aandeelhouders, maar de crediteuren van de vennootschap te beschermen. De "gouden regel" is van toepassing op de uitkering van dividend en het verkrijgen van aandelen door de vennootschap.

Kapitaal- en vermogensbescherming van de vennootschap
De gouden regel laat zich als volgt uitleggen: er mag bij de NV, ex. art. 2:105 slechts dividend worden uitgekeerd,  indien:
Eigen vermogen > gestort en opgevraagd kapitaal + wettelijke reserves (2:373 lid 4 BW) + statutaire reserves (2:373 lid 1 sub e).

Bekijk de indeling van de balans, in dit voorbeeld ingevuld met alle wettelijke activa en passiva. Agio vormt een vrije ruimte, evenals de eventueel gemaakte winst, mits deze niet voor het vaste vermogen of andere posten worden gereserveerd. De herwaarderingsreserve is ook een wettelijke reserve die niet kan worden uitgeput ten behoeve van winstuitkering, zie art. 2:373 lid 1 sub c jo. art. 2:390 BW.


Balans: kapitaalbescherming door verplichte reserves
Winstuitkering is nog aan een aantal voorwaarden onderworpen. Zo kan de bv bij statuut de winstuitkering aan haar aandeelhouders, zelfs beperken of geheel uitsluiten. Voor het uitkeren van interim-dividend, geldt tevens de gouden regel uit art. 2:105 lid 2 BW; zie voorts lid 4.


Winstuitkering in de bv en nv

donderdag 11 juli 2019

1 Big Data-analyses en predictive policing in het veiligheidsdomein: data-analyse in de strafrechtelijke praktijk


1.3 Het gebruik van Big Data in het veiligheidsdomein: data-analyse in de Nederlandse strafrechtelijke praktijk

1.3.1 Het netwerk iRN en iColumbo
Een in Nederland gebruikt systeem voor datamining is iColumbo, een instrument om (groepen van) personen te profileren en systematisch op geautomatiseerde wijze data betreffende personen of groepen via internet te verzamelen, te analyseren en te presenteren aan opsporingsinstanties.[1] iColumbo is een product van het Internet Recherche & Onderzoek Netwerk (iRN). Het iRN is een netwerkinfrastructuur voor de opsporing van strafbare feiten via internet, die de opsporingsinstanties de mogelijkheid biedt om met een afgeschermd IP-adres onderzoek in open internetbronnen uit te voeren. De doelen van iColumbo zijn het via internet opsporen van ‘doelwitten’ en het verzamelen van (eventueel) bewijsmateriaal: aan de hand van geanalyseerde data wordt ‘verdacht gedrag’ via internet gedetecteerd; de opsporingsinstantie wordt daarbij van ondersteunend bewijsmateriaal voorzien.[2]
 
De opsporingsambtenaar kan in iColumbo een zoekterm invoeren, bijvoorbeeld de naam van een te onderzoeken persoon, waarna crawlers, internetrobots, continu het internet afspeuren; de gevonden data worden vervolgens opgeslagen.[3] Deze opslagplaats voor ‘crawlresultaten’ kan worden getypeerd als een ‘Warehouse’. De fase van de inzet van de crawlers en de opslag van de gevonden data, samen ondergebracht in een ‘Web Observatie Framework’, gaat vooraf aan de eigenlijke analyse van de data. Zodra de data in het Warehouse van iColumbo zijn ververst, worden deze doorgestuurd naar het Realtime Analyse Framework (RAF) met de naam Fietstas. Eerdere Big Data-analyses stimuleren het zelflerende vermogen[4] van de algoritmen waaruit Fietstas is opgebouwd. Kenmerkend aan iColumbo is dat gericht op persoonsgegevens kan worden gezocht in het kader van ‘Person of interest profiling’.[5]Persons of interest’ kunnen personen zijn die eerder zijn vervolgd of veroordeeld voor een delict. Tijdens de fase van de inzet van crawlers kunnen specifiek namen van personen worden opgegeven en in Fietstas kunnen relaties van de opgegeven personen worden gegenereerd.[6] De inzet van patroonherkenning kan volgens de WRR tot gevolg hebben dat ook gegevens van burgers die géén object van onderzoek of opsporing zijn, onderdeel worden van het profileringsproces.[7]

Wat maakt iColumbo een gewilder instrument dan de menselijke speurkwaliteit? Ten eerste de efficiëntie: webcrawlers kunnen continu sociale platforms als Facebook en Linkedin, zoekmachines, maar ook webpagina’s als Telefoongids.nl afspeuren. Ten tweede heeft iColumbo de mogelijkheid om actuele gegevens te vergelijken met oude gegevens die in een database zijn opgeslagen.[8] De ‘menselijke crawler’ kan weliswaar een heel eind komen, maar het is niet realistisch om te verwachten dat een mens ontelbare hoeveelheden actuele gegevens continu vergelijkt met een database vol met nog eens ontelbare hoeveelheden oudere data. Volgens het ontwerp van iColumbo is het bovendien de bedoeling dat de ‘collectieve intelligentie’ wordt vergroot, doordat iColumbo automatisch zoekt en analyseert, waarna de gebruiker de resultaten deelt met het systeem en met andere gebruikers. De ambitie met iColumbo is om met Person of interest profiling het ‘criminele’ gedrag van onderzochte personen te voorspellen.

1.3.2 Big Data-analyse aan inbeslaggenomen gegevensdragers: Hansken
Hansken, sinds 2015 de opvolger van Xiraf, de zoekmachine van het Nederlands Forensisch Instituut, verwerkt e-mailberichten, chatgesprekken, foto’s uit de internetopslag en GPS-gegevens.[9] Hansken maakt het mogelijk om digitaal bewijsmateriaal veilig te stellen. De Big Data-analyse vind plaats op multimediale voorwerpen die in beslag zijn genomen, zoals mobiele telefoons, computers, harde schijven en andere gegevensdragers.[10] Het onderzoek wordt uitgevoerd via het iRN-netwerk.[11] Met Hansken kunnen versleutelde berichten worden ontcijferd en met datasets kan de zoekmachine worden getraind om bepaalde categorieën data te herkennen.[12] In de demo is te zien dat Hansken afbeeldingen categoriseert, de locaties van data met coördinaten in kaart brengt, ruispatronen leert herkennen en mailberichten (inclusief verwijderde berichten) blootlegt.[13] De beoordeling van het materiaal komt uiteindelijk aan op de menselijke interpretatie door ervaren rechercheurs.

Hansken is een techniek die wordt ingezet bij de verzameling van strafrechtelijk bewijs. Het is de uiteindelijke bedoeling van de ontwerper om op grond van inbeslaggenomen data de bewijskracht van voorgestelde scenario’s van een misdrijf te berekenen.[14] De juridische basis wordt gevormd door de bepalingen over inbeslagneming ten behoeve van de strafvordering (artikel 134 Sv). Hansken wordt in de regel uitgevoerd op elektronische gegevensdragers. Het ‘Hanskenonderzoek’ wordt niet gereguleerd door een specifiek wettelijk kader, maar het ontbreken van een specifieke wettelijke grondslag voor het onderzoek hoeft geen onderzoekstechnische drempel te zijn voor Hansken.[15] Ook elektronische gegevensdragers, zoals computers en telefoons, kunnen als ‘voor beslag vatbare voorwerpen die kunnen dienen om de waarheid aan het licht te brengen’ in de zin van artikel 94 Sv worden aangemerkt.[16] Voor de waarheidsvinding mag onderzoek worden gedaan aan inbeslaggenomen voorwerpen om gegevens voor het strafrechtelijk onderzoek te krijgen. In de jurisprudentie wordt aangenomen dat op elektronische gegevensdragers opgeslagen data niet van dit onderzoek zijn uitgezonderd.[17] Een kwestie van andere orde is, of artikel 94 Sv een voldoende grondslag vormt om een inmenging in het privéleven van de betrokkene te rechtvaardigen als met het Hansken een compleet beeld wordt verkregen van het leven van de gebruiker van de gegevensdrager.[18] Op die onderliggende kwestie zal in hoofdstuk 4 uitvoerig worden ingegaan.
 
1.3.3 Automatic Number Plate Recognition (ANPR)
Het WODC omschrijft Automatic Number Plate Recognition (ANPR) als een techniek waarmee kentekens van rijtuigen met behulp van camera’s automatisch worden gelezen. In real-time worden de kentekens vergeleken met een referentielijst, die kentekens bevat van gestolen voertuigen, voertuigen die bij een misdrijf zijn gebruikt of van voertuigen van personen die door de politie worden gezocht.[19] Het Real Time Intelligence Center kan in de ANPR het kenteken van een gestolen auto opgeven en bij het traceren van het voertuig een melding doorzetten om ontdekking van de diefstal op heterdaad mogelijk te maken. Is een delict gepleegd met een gestolen voertuig, dan kunnen UMTS-data van de route die het gestolen voertuig heeft afgelegd worden geanalyseerd om de mobiele telefoon van de inzittende(n) te traceren.

ANPR kan worden ingezet om verdacht gedrag te profileren. Real-time alerting met behulp van iTrechter houdt in dat opsporingsambtenaren op grond van ervaringsregels gedragspatronen samenstellen, die zij in de applicatie van ANPR laden, waarna de ANPR overeenkomsten met deze gedragspatronen meldt. Een ‘parkeerplaatshopper’, de automobilist binnen korte tijd naar verschillende parkeerplaatsen langs een bepaalde route verplaatst, kan volgens het gedragspatroon in ANPR worden geprofileerd als mogelijke ladingdief.

ANPR is niet alleen een Big Data-analysemethode om op basis van historische gegevens (tijdstippen, locaties, kentekens) de opsporing van begane delicten te ondersteunen, het instrument kan ook worden ingezet als intelligence led-methode. In een praktijkvoorbeeld van het WODC worden Oost-Europese chauffeurs die ’s nachts met een gehuurde auto op bedrijventerreinen arriveren, geprofileerd in het kader van de opsporing van inbrekers die op bedrijventerreinen toeslaan. Autoverhuurders geven kentekens van auto’s die zij verhuurd hebben aan Oost-Europeanen, door aan het dataverwerkingscentrum van de politie. In de Secure Lane worden burgers ingeschakeld om observaties uit te voeren zodra een aan de hand van het kenteken van de huurauto geïdentificeerde Oost-Europeaan het bedrijventerrein op komt rijden. De private toezichthouders geven de data van hun observatieapparatuur (opgeslagen beveiligingsbeelden) door aan het dataverwerkingscentrum. Het doel van alle manieren waarop ANPR wordt ingezet, van real-time herkenning en alerting tot profilering, is het vergroten van de efficiëntie van de inzet van politieambtenaren bij de opsporing van delicten.

1.3.4 Raffinaderij
In 2011 is de Raffinaderij, een programma voor datagedreven rechercheren (IGP) geïntroduceerd naar aanleiding van het Holitna-onderzoek.[20] Onder het sinds 2014 geldende motto ‘Gegevens zijn de kern’ worden in de Raffinaderij data afkomstig uit verschillende Big Data-analysemethoden bijeengebracht;[21] het gaat onder meer om data afkomstig van onderzoek aan in beslag genomen gegevensdragers in Hansken, telefoontaps, internetdata, en gegevens van ANPR. Het is niet de bedoeling om de Raffinaderij in te zetten voor profilering en risicotaxatie. Evenmin is het de bedoeling om ongerichte datamining geautomatiseerde besluitvorming toe te passen in de Raffinaderij.[22] De uitgangspunten van de Raffinaderij verschillen daarmee met die van iColumbo, waar ongerichte datamining wel kan worden uitgevoerd. De Raffinaderij is een middel om analyses te verfijnen en om patronen tussen (reeds geanalyseerde) data bloot te leggen; de analyses worden in real-time aan de opsporingsambtenaren aangeboden, om een proactieve opsporing mogelijk te maken.[23]


[1] WRR, Big Data in een vrije en veilige samenleving, Den Haag/Amsterdam 2016, p. 44; E.J. Koops e.a, Juridische scan open brononderzoek. Een analyse op hoofdlijnen van de juridische aspecten van de iRN/iColumbo-infrastructuur en HDIeF-tools, Tilburg: TILT 2012, p. 7.
[2] Te raadplegen via https://www.nctv.nl/binaries/deel-projectvoorstel-ontwikkeling-icolumbo-alternatief_tcm31-30337.pdf.
[3] S. Brinkhoff, ‘Datamining in een veranderende wereld van opsporing en vervolging’, Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht en Handhaving 2017/12-4, p. 225.
[4] P. de Beijer, ‘Internet gedreven innoveren vergroot veiligheid’, Magazine nationale veiligheid en crisisbeheersing, 2013/2, p. 18.
[5] E.J. Koops e.a, Juridische scan open brononderzoek. Een analyse op hoofdlijnen van de juridische aspecten van de iRN/iColumbo-infrastructuur en HDIeF-tools, Tilburg: TILT 2012, p. 12.
[6] Activiteit 4 van ‘iRN Open Internet Monitor Netwerk’, via https://www.nctv.nl/binaries/deel-projectvoorstel-ontwikkeling-icolumbo-alternatief_tcm31-30337.pdf.
[7] WRR, Big Data in een vrije en veilige samenleving, Den Haag/Amsterdam 2016, p. 72.
[8] S. Brinkhoff, ‘Big Data datamining door de politie: ijkpunten voor een toekomstige opsporingsmethode’, NJB 2016/5-20, p. 1401.
[9] https://nl.linkedin.com/jobs/view/forensische-lead-software-engineer-hansken-at-ministerie-van-justitie-en-veiligheid-351619758.
[10] https://www.forensischinstituut.nl/forensisch-onderzoek/h/hansken (laatstelijk geraadpleegd op 19 juni 2019).
[11] https://www.politieacademie.nl/onderwijs/onderwijsaanbod/pages/opleiding.aspx?code=9303705 (laatstelijk geraadpleegd op 19 juni 2019).
[12] ‘Boevenberichten ontsleuteld’, Opportuun 2 mei 2018-02.
[13] ‘Bits en bites toegankelijk voor tactiek’, Blauw 30 april 2016-04, p. 32-37.
[14] ‘Bij het NFI kan Harm van Beek écht met de inhoud aan de slag’, Nederlands Forensisch Instituut, https://www.forensischinstituut.nl/over-het-nfi/werken-bij-het-nfi/worden-zij-jouw-nieuwe-collegas/harm-van-beek.
[15] Vgl. Rb. Amsterdam, 19 april 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2504 (Onderzoek Tandem II-dataset in Hansken), r.o. 3.10.
[16] Gerechtshof Amsterdam, 13 november 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:5007.
[17] HR 29 maart 1994, ECLI:NL:HR:1994:AD2076.
[18] HR 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:588 (Onderzoek Smartphone), r.o. 2.6.
[19] G. Homburg e.a., ‘ANPR: Toepassingen en ontwikkelingen’, eindrapport WODC 2016, p. 11.
[20] M. den Hengst, T. ten Brink en J. ter Mors, ‘Informatiegestuurd politiewerk in de praktijk’, Politieacademie 2017, p. 254.
[21] S. den Hengst en I. Walraven, ‘Datagovernance bij de Rijksoverheid’, RADIO-Module 2 oktober 2018, presentatie via https://www.it-academieoverheid.nl/documenten/presentaties/2018/10/02/presentatie-politie-over-data-governance-bij-de-rijksoverheid, slides 26 en 40.
[22] M. den Hengst, T. ten Brink en J. ter Mors, ‘Informatiegestuurd politiewerk in de praktijk’, Politieacademie 2017, p. 257.
[23] Vgl. https://socialmediadna.nl/informatiegestuurd-politiewerk-in-de-praktijk/ (geraadpleegd op 21 juni 2019).

dinsdag 20 februari 2018

Recht in het kort: moet de uitvoerbaarverklaring bij voorraad worden beperkt?


Huidige regeling biedt voldoende rechtswaarborgen tegen onterechte executie
De gewone rechtsmiddelen verzet, hoger beroep en cassatie hebben schorsende werking: het aanwenden van een van deze rechtsmiddelen verhindert de tenuitvoerlegging van een vonnis, tenzij is bepaald, dat het vonnis bij voorraad ten uitvoer zal worden gelegd (art. 350 lid 1 Rv).  De uitvoerbaarverklaring bij voorraad kan worden gevorderd op grond van art. 233 en 288 Rv.  De uitvoerbaarverklaring bij voorraad heeft tot gevolg dat het vonnis dadelijk ten uitvoer kan worden gelegd, zelfs als een rechtsmiddel tegen het vonnis wordt ingesteld.
            Het bezwaar tegen de uitvoerbaarverklaring bij voorraad laat zich indenken: de tenuitvoerlegging kan onrechtmatig blijken, wanneer het vonnis in een hogere instantie wordt vernietigd en geen grond voor de tenuitvoerlegging van het vonnis blijkt te hebben bestaan. Het kan zijn dat daardoor schade is ontstaan die niet geheel teruggedraaid kan worden, bijvoorbeeld wanneer de schuldenaar een geldsom heeft voldaan en de schuldeiser insolvent blijkt te zijn.
             Het is met het oog op het hiervoor geschetste risico, de onterechte tenuitvoerlegging, wenselijk om beperkingen te verbinden aan de uitvoerbaarverklaring bij voorraad. Een té vergaande beperking van de mogelijkheid tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad is wat mij betreft echter onnodig en onwenselijk.
            Onnodig, omdat de wet en de rechtspraak de schuldenaar reeds voldoende waarborgen bieden. Ten eerste kan de schuldenaar schorsing vorderen van de tenuitvoerlegging van het bij voorraad uitvoerbaar verklaarde vonnis (art. 351 Rv), waarmee in feite hetzelfde wordt bereikt als het instellen van een rechtsmiddel.
            Ten tweede kan de schuldenaar het door hem een krachtens het vonnis betaalde geldsom terugvorderen, als het vonnis in een hogere instantie wordt vernietigd en de grond voor de vordering aldus komt te vervallen (art. 6:203 BW). Is ten onrechte (executie)beslag gelegd op de goederen van de schuldenaar, dan kan de beslaglegger na vernietiging van het vonnis worden aangesproken uit onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), zelfs indien hij niet lichtvaardig heeft gehandeld.[1] De Hoge Raad heeft in Hoda International/Mondi Foods nogmaals benadrukt dat op de beslaglegger een risicoaansprakelijkheid rust voor de gevolgen van een ongegrond gelegd beslag;[2] in algemene zin heeft deze aansprakelijkheid te gelden voor de tenuitvoerlegging vóór het in kracht van gewijsde gaan van het vonnis.  
            Ten derde kan de rechter aan de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, zekerheidstelling verbinden (art. 233 lid 3 Rv). De zekerheidstelling beoogt de schuldenaar tegen een restitutierisico aan de zijde van schuldeiser te beschermen. De schuldenaar kan bovendien, bij het instellen van hoger beroep, een incidentele vordering tot zekerheidstelling instellen (art. 235 Rv).[3]
            Niet uit het oog mag worden verloren, dat de schuldeiser gerechtvaardigd belang kan hebben bij de uitvoerbaarverklaring.[4]  De zekerheidstelling is het middel bij uitstek om evenwicht te brengen in de belangen van partijen, zonder daarbij afbreuk te doen aan de redelijke belangen van de schuldeiser. Met inachtneming van de wederzijdse belangen en de rechtswaarborgen die beide partijen ter beschikking staan, concludeer ik kortheidshalve, dat het verder aan banden leggen van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, onwenselijk en onnodig is. 

M. Bouter LL.M.

[1] HR 13 januari 1995, NJ 1997, 366 (Ontvanger/Bos), m.nt. C.J.H. Brunner.
[2] HR 11 april 2003, NJ 2003, 440 (Hoda International/Mondi Foods), m.nt. A.I.M. van Mierlo.
[3] HR 30 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC5012 (Newbay/Staat), r.o. 3.2.2.
[4] HR 30 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC5012 (Newbay/Staat), overweging 2.8 van A-G Wesseling-Van Gent.