Koper en verkoper sluiten een handelsovereenkomst. In het handelsrecht is het voor de koper om verschillende redenen niet wenselijk om direct de koopprijs te voldoen. De wissel biedt beide partijen uitkomst. Door gebruik te maken van een wissel, verleent de verkoper aan de koper uitstel van betaling. Natuurlijk wil de verkoper zekerheid dat de koper op een later moment de koopprijs zal voldoen. Daartoe vaardigt de verkoper aan de koper het verzoek uit, om een wissel te accepteren. De wissel zal zijn toegevoegd aan de documenten die aan de koper worden verzonden. Het cognossement doet de eigendom van de lading goederen, overgaan zodra de koper het bezit van dit document verkrijgt. Let op: het weigeren van de lading is mogelijk, ook na ontvangst van het cognossement: de eigendom wordt met het cognossement voorwaardelijk verkregen.
De verkoper komt nu het beding "documents against acceptance" met de koper overeen. Neem aan dat de verkoper aan eigen order trekt: de verkoper is de begunstigde uit de wissel. Als trekker van de wissel geeft de verkoper de opdracht aan de koper om te betalen. Er is in de wissel een vervaldag opgenomen; uiterlijk op die datum dient de koopprijs te worden voldaan. De koper is de betrokkene en acceptant van de wissel. Bij trekken aan eigen order is de begunstigde, de verkoper in dit geval, de nemer. Wat brengt deze rechtsverhouding teweeg? Tot dusver nog niets. Koper en verkoper hebben zich verbonden tot levering en betaling, hetgeen al uit de koopovereenkomst volgt. De verkoper kan ten opzichte van de koper de vervaldag van uitstel van betaling hanteren, maar hij heeft ook de mogelijkheid om de bank in de verhouding te betrekken.
Bij verkoop van de wissel aan de bank, verkrijgt de verkoper een gedeelte van de koopprijs. De bank betaalt het nominale, in de wissel opgenomen bedrag aan de verkoper. Weliswaar lijdt de verkoper enigszins verlies door vermindering van het nominale bedrag, met de kosten die door de bank in rekening worden gebracht, maar de verkoper heeft de grootst mogelijke zekerheid, daar hij het bedrag direct in handen krijgt. De bank wordt houder van de wissel. Het voordeel voor de bank is dat de koper, als acceptant, geen persoonlijke verweermiddelen mag tegenwerpen aan de bank, zo bepaalt art. 116 van het Wetboek van Koophandel.
De persoonlijke verweermiddelen die de betrokkene openstaan ten opzichte van de trekker of vroegere houders, werken niet tegen een derde te goeder trouw. De bank heeft als derde partij, de houder, niets te maken met een wijziging in de rechtsverhouding of verbintenis tussen trekker en betrokkene, hier verkoper-koper. Wordt de koopovereenkomst bijvoorbeeld ontbonden, dan heeft de koper (betrokkene) als acceptant zijnde, de plicht om de koopprijs aan de bank te voldoen.
Ontbinding van de koopovereenkomst effectueert de relatie tot de bank dus niet. De koper die aan de bank heeft betaald na het ontbinden van de koopovereenkomst, heeft een vordering op de verkoper tot terugbetaling van de koopprijs. Wat nu, als de koper beschikkingsonbevoegd is geworden door faillissement? De derde partij, de bank, komt bescherming toe op grond van art. 108 WvK: de trekker van de wissel staat in voor betaling. De bank kan regres nemen op de verkoper.
200.000 bezoekers | Strafrecht & Privaatrecht | Juridisch: uitleg voor studenten die zich toeleggen op de togaberoepen |
Posts tonen met het label Marine Insurance. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Marine Insurance. Alle posts tonen
zondag 3 april 2016
zondag 27 maart 2016
Internationaal handelsrecht: Incoterms® II
In deel één van dit bericht heb ik het overzicht van de Incoterms® en de bedingen die zien op alle vormen van vervoer, besproken. Er rest een kleine groep bedingen die uitsluitend zijn bestemd voor toepassing op vervoer over zee en binnenwateren.
Deze bedingen zijn als volgt, om het overzicht even te herhalen:
FAS: Free Alongside Ship
FOB: Free On Board
CFR: Cost and Freight
CIF: Cost, Insurance and Freight
Verplichtingen verkoper-koper bij vervoer over zee en binnenwateren ⛴
FAS. De verkoper levert door de goederen uitgeklaard langszij het te beladen schip te brengen. Het risico en de kosten gaan hiermee over op de koper. Dat betekent dat de verkoper tot aan de levering in de verschepingshaven, zorg draagt voor verpakking, facturering en de exportvergunning. Van alle "blauwe" Incoterms® legt FAS de minste verantwoordelijkheden en kosten op aan de verkoper.
FOB. De verkoper levert de goederen uitgeklaard aan boord van het door de koper gearrangeerde of aangewezen schip. Tot aan de levering aan boord, is de verkoper verantwoordelijk voor verpakking, facturering en de exportvergunning. De risico's en kosten gaan over op de koper, wanneer de goederen de reling van het schip zijn gepasseerd ("over de reling" is een gebruikelijke term). Gebeurt er iets met de goederen nadat zij aan boord zijn geladen? Is de laadklep niet goed afgesloten door de vervoerder en valt een deel van de lading van het dek, dan is de verkoper vrij van risico. Juist daarom heeft de koper er belang bij om een verzekering met toereikende dekking te regelen. Zoals nog zal blijken, kan de koper, in het kader van de verzekering, FOB de voorkeur geven boven CIF.
CFR. De kosten voor vracht en vervoer naar de bestemmingshaven zijn voor de vervoerder. Ook is de verkoper verantwoordelijk voor de uitklaring van de goederen. Dit zijn de voorwaarden die zowel CFR als CIF typeren. Net als bij FOB geldt: zijn de goederen over de reling van het schip geleverd, dan gaan de incidentele kosten en de risico's over op de koper.
CIF. Het lijkt, op het eerste gezicht, of het CIF-beding identiek is aan CFR. Ook bij CIF betaalt de verkoper kosten en vracht voor het transporteren van de goederen naar de bestemmingshaven. De verkoper levert de goederen uitgeklaard en als de reling eenmaal is gepasseerd, gaat het risico van schade en verlies, over op de koper, alsmede de verantwoordelijkheid voor incidentele kosten. Tot zover zijn CFR en CIF gelijk. In de categorie "vervoer over water" is het CIF-beding het enige beding waarbij de verkoper verplicht is om een verzekeringsovereenkomst te sluiten én de premie te betalen. Evenals bij CIP geldt: de verplichte verzekering biedt minimale dekking. De koper kan kiezen voor FOB en zelf de verzekeringsovereenkomst afsluiten. Zo wordt de koper dan ook regelmatig geadviseerd.
⛴ ⛴ ⛴
Deze bedingen zijn als volgt, om het overzicht even te herhalen:
FAS: Free Alongside Ship
FOB: Free On Board
CFR: Cost and Freight
CIF: Cost, Insurance and Freight
Verplichtingen verkoper-koper bij vervoer over zee en binnenwateren ⛴
FAS. De verkoper levert door de goederen uitgeklaard langszij het te beladen schip te brengen. Het risico en de kosten gaan hiermee over op de koper. Dat betekent dat de verkoper tot aan de levering in de verschepingshaven, zorg draagt voor verpakking, facturering en de exportvergunning. Van alle "blauwe" Incoterms® legt FAS de minste verantwoordelijkheden en kosten op aan de verkoper.
FOB. De verkoper levert de goederen uitgeklaard aan boord van het door de koper gearrangeerde of aangewezen schip. Tot aan de levering aan boord, is de verkoper verantwoordelijk voor verpakking, facturering en de exportvergunning. De risico's en kosten gaan over op de koper, wanneer de goederen de reling van het schip zijn gepasseerd ("over de reling" is een gebruikelijke term). Gebeurt er iets met de goederen nadat zij aan boord zijn geladen? Is de laadklep niet goed afgesloten door de vervoerder en valt een deel van de lading van het dek, dan is de verkoper vrij van risico. Juist daarom heeft de koper er belang bij om een verzekering met toereikende dekking te regelen. Zoals nog zal blijken, kan de koper, in het kader van de verzekering, FOB de voorkeur geven boven CIF.
CFR. De kosten voor vracht en vervoer naar de bestemmingshaven zijn voor de vervoerder. Ook is de verkoper verantwoordelijk voor de uitklaring van de goederen. Dit zijn de voorwaarden die zowel CFR als CIF typeren. Net als bij FOB geldt: zijn de goederen over de reling van het schip geleverd, dan gaan de incidentele kosten en de risico's over op de koper.
CIF. Het lijkt, op het eerste gezicht, of het CIF-beding identiek is aan CFR. Ook bij CIF betaalt de verkoper kosten en vracht voor het transporteren van de goederen naar de bestemmingshaven. De verkoper levert de goederen uitgeklaard en als de reling eenmaal is gepasseerd, gaat het risico van schade en verlies, over op de koper, alsmede de verantwoordelijkheid voor incidentele kosten. Tot zover zijn CFR en CIF gelijk. In de categorie "vervoer over water" is het CIF-beding het enige beding waarbij de verkoper verplicht is om een verzekeringsovereenkomst te sluiten én de premie te betalen. Evenals bij CIP geldt: de verplichte verzekering biedt minimale dekking. De koper kan kiezen voor FOB en zelf de verzekeringsovereenkomst afsluiten. Zo wordt de koper dan ook regelmatig geadviseerd.
⛴ ⛴ ⛴
zondag 20 maart 2016
Internationaal handelsrecht: Incoterms® I
The International Chamber of Commerce, ICC, heeft in 2010 de meest recente versie van Incoterms® (gedeponeerd merk) uitgegeven. Er bestaan elf verschillende bedingen; afhankelijk van het gekozen vervoermiddel is er variatie mogelijk.
De Incoterms® worden ingedeeld in de categorieën E-F-C-D. De volgorde die hier wordt aangehouden, wordt bepaald door de mate van verantwoordelijkheid en de kosten van de verkoper voor het transport, het risico en de verzekering van de goederen die dienen te worden vervoerd (niet: verscheept, beeldspraak leidt in dit geval tot verwarring!).
Voor iedere wijze van vervoer gelden de volgende bedingen:
EXW: Ex Works
FCA: Free Carrier
CPT: Carriage Paid To
CIP: Carriage and Insurance Paid To
DAT: Delivered At Terminal
DAP: Delivered At Place
DDP: Delivered Duty Paid
Worden de goederen over zee of binnenwateren vervoerd, dan gelden de volgende bedingen:
FAS: Free Alongside Ship
FOB: Free On Board
CFR: Cost and Freight
CIF: Cost, Insurance and Freight
Verplichtingen verkoper-koper bij alle vervoermiddelen ✈ 🚢 🚚
Categorie E: EXW. We houden bovenstaande volgorde aan. De bedingen uit de categorie-E zijn, wat betreft verantwoordelijkheden en kosten, het minst belastend voor de verkoper. Enige variatie op EXW, zoals Ex Warehouse, maakt uiteindelijk weinig verschil. De verkoper levert namelijk door de goederen ter beschikking te stellen aan de koper; de koper is verantwoordelijk voor het ophalen van goederen vanaf de door de verkoper aangegeven plaats, het laden, het doorlopen van de exportprocedures, het transport (voor-, zee- en natransport), vaste kosten en uitklaring. Het risico gaat al vóór het inladen over op de koper. De verkoper behoort de koper zo nodig te assisteren en hij dient de goederen op degelijke wijze te verpakken. Mogelijk wordt de verkoper belast met de export en uitklaring, ondanks de hoofdregel dat voor deze taken de koper verantwoordelijk is.
Categorie F: FCA. FCA Warehouse Seller komt sterk overeen met EXW. Zo dient de koper alle vormen van transport te regelen, wanneer levering op het terrein van de verkoper plaatsvindt. Het verschil is dat bij FCA de kosten en het risico van inlading, voor rekening van de verkoper komen. Is een andere plaats overeengekomen (de hub is zeer gebruikelijk), dan regelt de verkoper het voortransport. Het risico gaat over bij inlading in het eerste vervoermiddel. De verkoper verzorgt de exportvergunning, facturering en verpakking. Let op: sommige organisaties, zoals MKB Nederland, vermelden dat de verkoper "alle risico's draagt tot het moment van levering". Onder levering wordt hier verstaan het afleveren aan de vervoerder- die meestal door de koper is aangewezen.
Categorie C: CPT. De verkoper levert de goederen op een overeengekomen plaats. Is bijvoorbeeld CPT Buyer's Facility bedongen, dan regelt de verkoper voor-, zee- en natransport. De vaste kosten (incl. export) zijn voor rekening van de verkoper; de koper draagt incidentele kosten. Het risico gaat over op het moment van afgifte aan de (eerste) vervoerder. De eventuele schade die over het gehele traject kan ontstaan is voor risico van de koper.
CIP. Nog altijd relatief weinig verantwoordelijkheden heeft de verkoper in het geval van Carriage and Insurance Paid To. Evenals bij CPT, sluit de verkoper de vervoersovereenkomst en draagt hij de kosten voor transport; het verschil met alle eerder genoemde bedingen, is dat er nu ook een verzekering wordt afgesloten door de verkoper. Aangezien de verplichte verzekering in de praktijk slechts minimale dekking biedt, wordt het de koper aanbevolen om zelf een verzekering te nemen.
Categorie D: DAT. De goederen worden ter beschikking gesteld aan de koper, op een overeengekomen plaats, de terminal. Levering vindt plaats wanneer de goederen zijn gelost. De kosten van en risico's voor het vervoer tot het lossen in de terminal, zijn voor de verkoper. Volgens het ICC draagt de verkoper het risico van en de verantwoordelijkheid voor het lossen. Sommige auteurs lijken dit te weerspreken. Houd voor alle zekerheid de informatie van de ICC aan. Uit de literatuur blijkt dat de incidentele kosten door de verkoper worden gedragen. De koper is verantwoordelijk voor inklaring, lokale belastingen en invoerrechten. Ook betaalt de koper de kosten van het lossen.
DAP. Levering vindt reeds vóór het lossen plaats en het risico gaat tevens voor het lossen op de koper over. De verkoper draagt de risico's om de goederen naar de overeengekomen bestemming ("Delivered At Place") te vervoeren. De koper verzorgt de inklaring en voldoet de lokale belastingen en invoerrechten.
DDP. Uitsluitend bij DDP rust naast de uitklaring, ook de inklaring van de goederen op de verkoper. De verkoper wordt extra belast met importheffingen. DDP Buyer's Facility is mogelijk. Op de overeengekomen plaats van bestemming wordt geleverd, wanneer de goederen ter beschikking van de koper worden gesteld. De koper draagt de kosten en risico's van het lossen. Dit beding drukt het zwaarst op de verkoper. Zo wijst een organisatie uit de UK erop dat verkopers te maken kunnen krijgen met de complexiteit van bureaucratische procedures die doorlopen moeten worden voor de inklaring van producten. Beter wordt het inklaren aan de koper overgelaten, daar de koper meestal beter bekend is met lokale belastingprocedures.
De Incoterms® worden ingedeeld in de categorieën E-F-C-D. De volgorde die hier wordt aangehouden, wordt bepaald door de mate van verantwoordelijkheid en de kosten van de verkoper voor het transport, het risico en de verzekering van de goederen die dienen te worden vervoerd (niet: verscheept, beeldspraak leidt in dit geval tot verwarring!).
Voor iedere wijze van vervoer gelden de volgende bedingen:
EXW: Ex Works
FCA: Free Carrier
CPT: Carriage Paid To
CIP: Carriage and Insurance Paid To
DAT: Delivered At Terminal
DAP: Delivered At Place
DDP: Delivered Duty Paid
Worden de goederen over zee of binnenwateren vervoerd, dan gelden de volgende bedingen:
FAS: Free Alongside Ship
FOB: Free On Board
CFR: Cost and Freight
CIF: Cost, Insurance and Freight
Verplichtingen verkoper-koper bij alle vervoermiddelen ✈ 🚢 🚚
Categorie E: EXW. We houden bovenstaande volgorde aan. De bedingen uit de categorie-E zijn, wat betreft verantwoordelijkheden en kosten, het minst belastend voor de verkoper. Enige variatie op EXW, zoals Ex Warehouse, maakt uiteindelijk weinig verschil. De verkoper levert namelijk door de goederen ter beschikking te stellen aan de koper; de koper is verantwoordelijk voor het ophalen van goederen vanaf de door de verkoper aangegeven plaats, het laden, het doorlopen van de exportprocedures, het transport (voor-, zee- en natransport), vaste kosten en uitklaring. Het risico gaat al vóór het inladen over op de koper. De verkoper behoort de koper zo nodig te assisteren en hij dient de goederen op degelijke wijze te verpakken. Mogelijk wordt de verkoper belast met de export en uitklaring, ondanks de hoofdregel dat voor deze taken de koper verantwoordelijk is.
Categorie F: FCA. FCA Warehouse Seller komt sterk overeen met EXW. Zo dient de koper alle vormen van transport te regelen, wanneer levering op het terrein van de verkoper plaatsvindt. Het verschil is dat bij FCA de kosten en het risico van inlading, voor rekening van de verkoper komen. Is een andere plaats overeengekomen (de hub is zeer gebruikelijk), dan regelt de verkoper het voortransport. Het risico gaat over bij inlading in het eerste vervoermiddel. De verkoper verzorgt de exportvergunning, facturering en verpakking. Let op: sommige organisaties, zoals MKB Nederland, vermelden dat de verkoper "alle risico's draagt tot het moment van levering". Onder levering wordt hier verstaan het afleveren aan de vervoerder- die meestal door de koper is aangewezen.
Categorie C: CPT. De verkoper levert de goederen op een overeengekomen plaats. Is bijvoorbeeld CPT Buyer's Facility bedongen, dan regelt de verkoper voor-, zee- en natransport. De vaste kosten (incl. export) zijn voor rekening van de verkoper; de koper draagt incidentele kosten. Het risico gaat over op het moment van afgifte aan de (eerste) vervoerder. De eventuele schade die over het gehele traject kan ontstaan is voor risico van de koper.
CIP. Nog altijd relatief weinig verantwoordelijkheden heeft de verkoper in het geval van Carriage and Insurance Paid To. Evenals bij CPT, sluit de verkoper de vervoersovereenkomst en draagt hij de kosten voor transport; het verschil met alle eerder genoemde bedingen, is dat er nu ook een verzekering wordt afgesloten door de verkoper. Aangezien de verplichte verzekering in de praktijk slechts minimale dekking biedt, wordt het de koper aanbevolen om zelf een verzekering te nemen.
Categorie D: DAT. De goederen worden ter beschikking gesteld aan de koper, op een overeengekomen plaats, de terminal. Levering vindt plaats wanneer de goederen zijn gelost. De kosten van en risico's voor het vervoer tot het lossen in de terminal, zijn voor de verkoper. Volgens het ICC draagt de verkoper het risico van en de verantwoordelijkheid voor het lossen. Sommige auteurs lijken dit te weerspreken. Houd voor alle zekerheid de informatie van de ICC aan. Uit de literatuur blijkt dat de incidentele kosten door de verkoper worden gedragen. De koper is verantwoordelijk voor inklaring, lokale belastingen en invoerrechten. Ook betaalt de koper de kosten van het lossen.
DAP. Levering vindt reeds vóór het lossen plaats en het risico gaat tevens voor het lossen op de koper over. De verkoper draagt de risico's om de goederen naar de overeengekomen bestemming ("Delivered At Place") te vervoeren. De koper verzorgt de inklaring en voldoet de lokale belastingen en invoerrechten.
DDP. Uitsluitend bij DDP rust naast de uitklaring, ook de inklaring van de goederen op de verkoper. De verkoper wordt extra belast met importheffingen. DDP Buyer's Facility is mogelijk. Op de overeengekomen plaats van bestemming wordt geleverd, wanneer de goederen ter beschikking van de koper worden gesteld. De koper draagt de kosten en risico's van het lossen. Dit beding drukt het zwaarst op de verkoper. Zo wijst een organisatie uit de UK erop dat verkopers te maken kunnen krijgen met de complexiteit van bureaucratische procedures die doorlopen moeten worden voor de inklaring van producten. Beter wordt het inklaren aan de koper overgelaten, daar de koper meestal beter bekend is met lokale belastingprocedures.
Labels:
Carriage of Goods,
CIP,
CPT,
DAP,
DAT,
DDP,
export,
EXW,
FCA,
havenrecht,
heffing,
import,
Incoterms,
Marine Insurance,
Mercedes Bouter commercial law,
Mercedes Bouter handelsrecht,
vessel,
zeerecht
Abonneren op:
Posts (Atom)